De Energiewende in Duitsland:

Het laatste nieuws over Typhoon:

Vul je emailadres in en ontvang een melding van nieuwe berichten.

Fibronot browser support

Firefox4+  Chrome  Safari  Opera  IE9+

CO2

CO2

Eigenschappen van koolstofdioxide (CO2)

Chemische eigenschappen
CO2 is de chemische naam voor kooldioxide ofwel koolzuurgas. Het is een kleur- en reukloos gas. Het is niet brandbaar. In principe is het niet giftig. Het verdringt echter zuurstof en daarom is de maximaal toelaatbare waarde in een ruimte waar continu gewerkt wordt (MAC-waarde) op 5000 ppm vastgesteld. CO2 lost gemakkelijk op in water (priklimonade) en heeft dan een licht zure werking. De hoeveelheid CO2 in de lucht wordt uitgedrukt in ppm (parts per million) of in het Nederlands, dpm (delen per miljoen). Ook wordt wel vpm geschreven om aan te geven dat het volumedelen betreft.
1 ppm wil zeggen dat er 1 volumedeel CO2 op 1 miljoen volumedelen lucht aanwezig is. Anders gezegd; 1 ml CO2  per 1 miljoen ml (dit is 1 m³) lucht.

Ontstaan van CO2
CO2 ontstaat bij verbranding van koolwaterstoffen. Ook de ademhaling van een mens (of plant) is zo’n verbrandingsproces. In de buitenlucht heerst gemiddeld een concentratie van rond de 360 ppm. Dit is 0,036% van de lucht. Door de industriële activiteiten van de mens stijgt deze concentratie met ca. 1 ppm per jaar.

Buitenlucht
De concentratie in de buitenlucht is niet constant hetzelfde. Afhankelijk van het seizoen, de windrichting en windsnelheid kan de concentratie incidenteel zelfs meer dan 100 ppm van dit gemiddelde afwijken. De buitenlucht kan dus niet gebruikt worden om een CO2-meter mee te ijken.

Verspreiding over de ruimte
De dichtheid van CO2 = 1,78 kg per m3 , terwijl die van lucht 1,16 kg per m3 is. Hiermee is CO2 zwaarder dan lucht. Je zou verwachten dat CO2 als een laag op de grond blijft liggen. Dit is echter niet waar, want door diffusie en luchtbeweging verspreidt het zich snel over een ruimte.

Er worden over CO2 de vreemdste verhalen geschreven, met als rode draad door het verhaal dat kippenmestverbranding altijd CO2 neutraal zou zijn.

FibroNed zegt over CO2 het volgende: ” Misschien is het een misperceptie dat wij, zoals de meeste processen, CO2 uitstoten, toch CO2 winst opleveren. Wij produceren circa 33 MegaWatt elektriciteit. Dit grosso modo de behoefte van de stad Apeldoorn. Ervan uitgaande dat Apeldoorn toch elektriciteit nodig heeft zal dit anders in een kolen/gascentrale opgewekt worden. De lange en korte termijn koolstof kringloop speelt hierbij een rol.”

Met andere woorden, als FibroNed geen CO2 uitstoot dan doet een ander het wel.

We kunnen daarover kort en duidelijk zijn.
Elke toename van CO2 in de atmosfeer moet vermeden worden.
Verbranding van kippenmest levert een aanzienlijke hoeveelheid CO2 in de atmosfeer op. Aanzienlijk meer dan een vergelijkbare centrale waar door middel van aardgas electriciteit wordt opgewekt. Bovendien stoot een gasgestookte centrale geen fijnstof uit.

Zo stoot de schoorsteen van de FibroWatt mestverbrander in EYE, Suffolk, per jaar 128 kiloton, dat is 128 miljoen kilo CO2 in de atmosfeer.
Dat is dus wat er na filtering nog uitgestoten wordt!
Bedenk dat FibroWatt EYE nog maar een kleintje is vergeleken met de mestverbrander die FibroNed voor ogen heeft.
Bij benadering kan FibroNed straks meer dan het dubbele aan CO2 per jaar uitstoten, dus meer dan 256 kiloton, of 256 miljoen kilo CO2!

Het is dan ook geen wonder dat FibroNed deze gigantische hoeveelheid CO2 liever de atmosfeer inblaast, want waar moet het bedrijf zo’n hoeveelheid CO2 als afval laten?

Apeldoornse politici die vóór FibroNed zijn nemen een onverantwoord hoge last op hun schouders. Een stem vóór FibroNed betekent dat de negatieve effecten van de uitstoot van kooldioxide volledig worden genegeerd.

Het is niet ‘als wij het niet uitstoten, dan doet een ander het wel’, zoals FibroNed en andere mestverbranders de bevolking zo graag vertellen. Alle uitstoot van CO2 moet voorkomen worden. Er zijn methodes om energie bijna schoon op te wekken.
Dit soort mestverbranders tast het milieu op een onaanvaardbare wijze aan.

De meeste electriciteit in Nederland wordt opgewekt met behulp van aardgas dat een
aanzienlijk lagere CO2 uitstoot heeft dan de vloeibare en vaste brandstoffen, zoals
stookolie, steenkool en biomassa, als bijvoorbeeld kippenmest, waar de CO2 waarden na verbranding beduidend hoger liggen.

Gasvormige brandstoffen, zoals aardgas, vertonen het enorme voordeel dat verzadiging met zuurstof uit de omgevingslucht uiterst eenvoudig is. Aldus is de verbranding van aardgas bij voldoende luchttoevoer uiterst volledig en de CO-emissie erg laag. In aardgaskachels bedraagt de CO-emissie 0,001 tot 0,2 % en de laagste waarden bij een Hoog-Rendements-CV op aardgas bedragen 0,0005 %.
De verbranding van biogas, methaangas, is net zo volledig als die van aardgas. Moleculair zijn beide gelijk.

Gas is op dit moment de enige brandstof die een relatief beperkte belasting geeft voor het milieu en tevens geschikt is voor grootschalige energieopwekking. Daarnaast is aardgas naar verwachting de komende 50 tot 80 jaar geen schaarse brandstof, omdat er wereldwijd aanzienlijke bewezen aardgasvoorraden zijn. Tot slot vraagt de huidige elektriciteitsmarkt om een flexibele inzet van een centrale en een moderne gasgestookte centrale is hier bij uitstek voor geschikt.

Een misverstand is dat vaak gedacht wordt dat wanneer de opgewekte stroom vanuit de Ecofactorij aan het landelijk electriciteits-koppelnet wordt geleverd, die stroom alleen de inwoners van Apeldoorn ten goede komt.
Dat is natuurlijk onzin. De kippenstroom van FibroNed verdwijnt op het landelijk koppelnet en deze stroom wordt misschien wel ergens in Limburg of Groningen of desnoods ergens over de grens in Duitsland geconsumeerd. Dat is dan leuk voor die bewoners, immers wat je van verre haalt is lekker, maar de inwoners van Apeldoorn en omstreken zitten wèl in de vuile lucht en de stank.

De bedrijfsleider van BMC in Moerdijk zegt in het dagblad De Stem: “Iedere kubieke meter gas en iedere ton kool die dankzij ons niet verbrand hoeft te worden, is er één.”

Dat is nog niet alles. De as die na verbranding van de kippenstront overblijft, is nog rijk aan kalium en fosfor en wordt verkocht en hergebruikt als kunstmest. En de geproduceerde energie is ‘schoon’: de filters zorgen ervoor dat vrijwel alleen damp de schoorsteenpijp verlaat.
Kooldioxide komt er wél uit. Maar dat broeikasgas was ook uit de mest ontsnapt wanneer die over het land uitgereden was. De biomassacentrale is dus CO2-neutraal, zoals het heet.

Hier dus ook weer de theorie dat als wij, BMC, geen CO2 uitstoten een ander dat wel doet en vooral de kreet ‘CO2-neutraal’ doet het altijd goed.

Bovendien, iedere ton kippenmest die verbrand wordt is er één teveel, gezien de overmaat aan CO2 die er al in de atmosfeer zit.
Een hoeveelheid CO2 die op dit moment al zo groot is dat de huidige flora op aarde te klein is om deze geweldige hoeveelheid op te nemen en om te zetten naar zuurstof.

CO2 komt alleen vrij bij de verbranding van koolstofverbindingen die vooral in vaste brandstoffen zoals kippenmest zitten.

De mening van de staatssecretaris in Kansas, VS, was duidelijk toen hij een milieuvergunning weigerde:
Hij zei dat het onverantwoord is de negatieve effecten van de uitstoot van kooldioxide (CO2) en andere broeikasgassen te negeren.