Fibronot in Tanzania


Deel 1

Bezoek aan Dar es Salaam, Kilwa Masoko en Kwale (Kenia)

 

In de laatste week van mei en de eerste week van juni 2010 was een lid van het redactieteam van deze website met twee medewerkers op bezoek in Tanzania in het district waar BioShape heeft gewerkt. De redactie wilde met eigen ogen zien hoe Bioshape in het land heeft huisgehouden en vooral, of alle ontkenningen van de directie van de BioShape Holding B.V. terecht waren, of dat er gewoon keihard gelogen is.
Er zijn gesprekken gevoerd met politici, ambtenaren, ex medewerkers van BioShape, medewerkers van het Mpingo Conservation & Development Initiative in Kilwa, de Forest and Beekeeping Division van het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen en Toerisme in Dar es Salaam en met twee medewerksters van het Wereld Natuur Fonds Oost Afrika in Kwale dat net over de grens met Kenia ligt.
De redactie van Fibronot.nl heeft het eindverslag gereed en zal met een serie korte artikelen verslag doen van de gevoerde gesprekken.

Het is de gewoonte om vooraan in een rapport een samenvatting te geven.
De samenvatting:
Zonder uitzondering kan de conclusie getrokken worden dat BioShape er een bende van gemaakt heeft.
Op sociaal, humanitair en landbouwkundig gebied gezien zijn alle werkzaamheden van BioShape en de BioShape Benefits Foundation geëindigd in een fiasco.
Wetten zijn geschonden, er wordt fraude gepleegd en van corruptie is het bedrijf ook niet vies. De commentaren van de diverse medewerkers van bovengenoemde organisaties waren zonder uitzondering unaniem: Jammer dat BioShape hier ooit gekomen is en een groot deel van de natuur en de sociale infrastructuur verwoest heeft. Een eventuele opvolger is dan ook niet welkom. Deskundigen zijn het over één ding eens: alle bewoners waarvan het land via fraude en corruptie geroofd is willen hun land terug en het faillissement van de BioShape Holding B.V. kon niet snel genoeg komen.

We beginnen met een stukje tekst dat de heer Hermans schreef naar aanleiding van een vraag aan hem over illegale houtkap:

Illegale houtkap: BioShape heeft een kapvergunning en een zaagvergunning
om alle bomen te kappen nodig ten behoeve van de realisatie van de jatropha
plantages. Illegale kap is dus gewoon niet van toepassing. Wij mogen ook
Mpingo kappen, en dat doen we in overleg met het Mpingo Conservation
Project. Dit zijn alleen de dunne nog jonge bomen, en die worden middels een
separate nursery herplant.

Het is opmerkelijk dat er niet één instantie te vinden was die bovenstaande opmerkingen van de heer Hermans kon bevestigen.
Sterker nog, in een gesprek met een vertegenwoordiger van het Mpingo Conservation & Development Initiative in Tanzania ontkende deze stellig dat BioShape in het bezit was van een kap- en zaagvergunning.

Gesprek met het Mpingo Conservation & Development Initiative

Ons redactielid heeft met de Coördinator Internationale Zaken van het Mpingo Conservation & Development Initiative in Tanzania, Steve Ball, gesproken. Deze Steve was enkele jaren geleden de contactpersoon van wat toen nog Mpingo Conservation Project heette, met de heer Hermans van BioShape. Wat heet contactpersoon.
In 2008 heeft Steve in Kilwa één keer met de heer Hermans gesproken. De heer Hermans vroeg aan het MCP of hij een paar Mpingo bomen van een in aanbouw zijnde plantage mocht kappen. Steve Ball van het MCP zei dat het geen probleem was omdat een enkele Mpingo kappen minder erg was dan een heel bos kappen.
Dit is volgens Steve Ball het enige officiële contact geweest dat BioShape in al die jaren met het MCP heeft gehad. Dit noemt de heer Hermans dus ‘in overleg met het Mpingo Conservation Project’.

De International Coördinator van het Mpingo Conservation & Development Initiative vertelde dat hij liever had gezien dat BioShape direct vanaf de beginfase, bij het schrijven van de EIA, overleg had gevoerd met het MCP. Dit is echter nooit gebeurd. Volgens Steve Ball had BioShape bij het opstellen van de EIA ook contact met het MCP op moeten nemen. De Mpingo Conservation & Development Initiative moet zelfs volgens de wet geconsulteerd worden. Dit is niet gebeurd.

Het MCP zou dan een veel beter voorstel hebben gedaan dan het opkopen van grote stukken bosgebied die gekapt worden, zoals BioShape nu gedaan heeft. Bosgebieden die meer dan 30% bladerdak hadden die helemaal niet gekapt hadden mogen worden. Omdat BioShape zogenaamd overleg had gevoerd met het MCP had BioShape er geen enkele moeite mee om dan maar gelijk alle bomen te kappen die ze tegenkwamen. Gezien de massale houtzagerijen van BioShape in het plaatsje Mavuji, stond het vast dat BioShape op een ernstige wijze bezig was met roofbouw op de plaatselijke natuur en dat het kappen van hout prioriteit nummer 1 was.

Aanvankelijk was BioShape van plan om alle Mpingo en Boababs bomen op de plantages te laten staan, maar de plannen veranderden en alle Mpingo bomen moesten eraan geloven. Kennelijk leverde de houtkap het nodige geld op. Werknemers van BioShape waren erg terughoudend om deze Mpingo’s te kappen, maar hen werd verzekerd dat de benodigde vergunningen er waren, terwijl ze er in feite op dat moment niet waren.

De vertegenwoordiger van het MCP bevestigde tot twee maal toe op vragen van ons redactielid dat BioShape zich schuldig heeft gemaakt aan het illegaal kappen van tropisch bos en dat BioShape op dat moment dus niet over de benodigde vergunningen beschikte.
Dit werd bevestigd bij een bezoek door enkele ambtenaren van het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen en Toerisme aan Camp Mavuji. Zie hier.

Steve Ball vertelde dat BioShape bij voorkeur ’s nachts bomen illegaal kapte. Hij vertelde dat hij meerdere keren ’s nachts vrachtwagens van BioShape had gezien die  zich snel zonder verlichting te voeren van de plantages verwijderden om niet gesnapt te worden. De vrachtwagens lagen vol met illegaal gekapt hout. Dit nachtelijk kappen toonde volgens Steve Ball aan dat BioShape zich wel degelijk bewust was van het feit dat het bedrijf illegaal bezig was.
Steve Ball zei letterlijk: “This, and the EIA nonsense, was typical of the confused approach BioShape brought to working in Tanzania.” Vrij vertaald: “Dit, en de onzin die in de EIA stond, was typerend voor de verwarde aanpak en werkwijze van BioShape in Tanzania.”

Ook sprak ons redactielid uitvoerig met Steve Ball over de door Hermans zo geroemde herplant van Mpingo. In Mavuji werd getracht de Mpingo voort te planten. BioShape had daarvoor een kwekerij ingericht waar zich maar 10 tot 12 Mpingo zaailingen bevonden....
Als we nagaan dat een Mpingo boom van ongeveer 35 cm diameter al bijna 60 jaar oud is, dan kunnen we ons voorstellen hoe een kwekerij met 10 tot 12 Mpingo zaailingen eruit ziet. Die zet je in een pot op een oude keukentafel in de schaduw onder één van de weinige bomen die niet waren gekapt. Steve Ball heeft nooit ergens een herplant kunnen waarnemen van deze sprietjes van ongeveer 2 mm dik. Volgens zijn informatie zijn de Mpingo zaailingen nooit in het veld herplant.
Er was in die tijd een Nederlandse jatropha-kenner op de plantage van BioShape, de heer Ap van Peer. Samen met Ap van Peer experimenteerden BioShape medewerkers met nieuwe aanplant van bomen die ze uit het veld verwijderden. Het ging daarbij slechts om een paar jonge bomen. Toen Ap van Peer vertrok stonden ook deze experimenten droog en liepen ze vast. Einde oefening herplant dus.

Steve Ball van het Mpingo Conservation & Development Initiative  had ook forse kritiek op de lage lonen van arbeiders op de plantages, terwijl de staf zich in dure appartementen in Kilwa aan een extravagante leefwijze te buiten ging. Zo waren drie tot vijf ‘expats’ full time in Kilwa gehuisvest.
Steve Ball zei letterlijk: “No wonder they burned through all their money so quickly.”

Ook de BioShape Benefits Foundation kreeg een veeg uit de pan. Deze organisatie had alleen maar oog voor bijeenkomsten met de hogere elite. Het Mpingo Conservation Project is nooit door de BBF benaderd. Dat hadden we ook niet verwacht, zei Steve Ball, wij waren namelijk in het begin één van de weinige organisaties die gefundeerde kritiek op BioShape hadden, zoals onze opmerkingen over het illegaal kappen van tropisch hardhout. Dan hoor je er plotseling niet meer bij. Daar zat ik trouwens ook niet op te wachten, zei Steve Ball, want ik mocht de directrice van het BBF absoluut niet. "Haar manier van werken buiten het liefdadigheids werk stond me niet aan."

Dit eerste onderdeel uit het verslag van een lid van ons redactieteam toont aan dat de ontkenningen van de directie van BioShape met een grote korrel zout genomen moeten worden. Om het wat duidelijker uit te drukken, de directie van BioShape liegt en tracht de zaken heel anders voor te stellen dan ze zich in werkelijkheid in Tanzania hebben afgespeeld.

Het gebeurt niet zelden dat wetenschappers in Tanzania zware kritiek uiten op de werkwijze van BioShape. Steevast merkt de directie van BioShape dan op dat ze die meneer of mevrouw wel eens graag zouden willen spreken.
Zoals bij een medewerker van een milieukundig adviesbureau in Dar es Salaam, de heer Mark Baker. Hij schreef dat BioShape schraal land had afgewezen en in plaats daarvan een vruchtbaar bosgebied zoals het Namatimbili oerwoud, het grootste kust bosgebied in oost Afrika, had uitgekozen voor de plantages. Waarom deden ze dat als jatropha op schraal land groeit? En bovendien, zei Mark Baker, wat is precies schraal land als het intensief voor de landbouw wordt gebruikt?
Mark Baker: 'In Kilwa, the Dutch firm BioShape rejected land that is labelled barren, or idle, in favour of fertile forest, the Namatimbili, the largest coastal forest in East Africa. Why did they do that if jatropha can grow on weak land? And anyway, what exactly is ‘barren’ land if it is being used extensively by pastoralists?'
Zijn commentaar werd door de directie van BioShape beantwoord met ‘die meneer willen we graag eens even spreken’.
Net als een onderzoeksjournalist in Tanzania die door de directrice van de BioShape Benefits Foundation werd gevraagd niet negatief over BioShape te schrijven omdat dat misschien mogelijke kandidaten voor een doorstart in Tanzania zou afschrikken.



Fibronot in Tanzania

Deel 2

In het bovenstaande deel 1 werd een verslag gegeven van een bezoek aan diverse instellingen in Dar es Salaam en Kilwa Masoko.

In deel 2 volgt het reisverslag van een bezoek aan de houtzagerijen en plantages van BioShape in Camp Mavuji.

De autoreis van Kilwa naar Mavuji was een trip in het onzekere. We werden in Kilwa al gewaarschuwd dat de bevolking in de streek rond Mavuji mogelijk vijandig tegenover ons zou kunnen staan. Nu viel dat achteraf gezien best mee zolang je de naam BioShape en Cor Vaes maar niet noemde. De reis verliep door de zware regenval enigszins chaotisch, niet in het minst omdat een defecte vrachtwagen met 30 drijfnatte mensen er op vanwege motorpech midden op de weg stil stond en het overige verkeer behoorlijk hinderde.
De satelliettelefoon die we bij ons hadden bracht uitkomst en hulp, die naar later bleek, ongeveer 4 uur nodig heeft gehad om een afstand van nog geen 60 km te overbruggen.
Het kan toeval zijn, maar op exact dezelfde plaats vond twee jaar geleden een ernstig ongeluk plaats. Een wagen van BioShape met daarin een tiental medewerkers sloeg over de kop waarbij helaas enkele dodelijke slachtoffers te betreuren waren.
Zoiets noopt je tot nadenken en doet je de rijstijl op deze verschrikkelijke wegen aanpassen.

Wat opvalt bij het naderen van Mavuji was de rust en stilte. Het dorp lijkt compleet verlaten, alhoewel dat schijn is. De inwoners blijven met de regen binnen en bovendien was het bijna etenstijd aan de rook boven de diverse hutten te zien.

Mavuji leverde met ongeveer 100 mensen een substantiële bijdrage aan het personeelsbestand van BioShape, maar plotseling kregen de inwoners op een dag in november 2009 te horen dat ze naar huis konden gaan en hun lot maar moesten afwachten. Daaraan voorafgaand had BioShape nog met behulp van vakbondsleiders geprobeerd om het aantal werknemers terug te brengen van ongeveer 100 naar 60, echter gedurende deze onderhandelingen tussen het management van BioShape en de TUICO, de Tanzania Union of Industrial and Commercial Workers, werden alle plantage medewerkers door een manager van BioShape, Pius Cheche, opgeroepen naar huis te gaan en tot nader order af te wachten, aldus een voormalige plantage hoofdman en inwoner van Mavuji wiens naam bij de redactie van Fibronot.nl bekend is maar om redenen van privacy hier niet vermeld wordt, omdat de beste man bang is voor represailles. Dat geldt overigens voor alle inwoners die we gesproken hebben. We hebben beloofd geen namen te noemen, hoewel ze wel allemaal bekend zijn.
De regionaal secretaris van de TUICO in Lindi, Florence Ndendeje, vertelde dat het geschil over de niet betaalde lonen met BioShape is doorverwezen naar de Commissie voor Bemiddeling en Arbitrage van arbeidsgeschillen omdat BioShape niet verder mee wilde werken aan een oplossing.

"Vanwege de slechte vooruitgang met betrekking tot de ontwikkeling van de plantages konden de lonen van medewerkers op de plantage niet meer op tijd betaald worden en was BioShape genoodzaakt om 40% van het personeel weg te bezuinigen," aldus de inhoud van een brief die BioShape manager Pius Cheche op 3 november 2009 schreef. Hij vertelde er niet bij dat de werkelijke oorzaak het vertrek van de grootste aandeelhouder, Eneco, was en al helemaal niet waarom Eneco plotseling was vertrokken.

Sinds die tijd is de plantage hoofdman samen met een groep ex medewerkers wekelijks naar het BioShape hoofdkwartier Mavuji Camp gegaan om een update over hun lot te halen. Dat viel niet mee aangezien er niemand van BioShape meer aanwezig was.
Wel was er een particulier beveiligingsbedrijf, Chui Security Company Limited, aanwezig, die met enkele medewerkers de loodsen met appartuur en andere gebouwen bewaakten. Ten tijde van het bezoek van de redactie van Fibronot.nl was er echter geen bewaker te zien waardoor er zonder problemen in en rond het Mavuji Camp rond gekeken kon worden.

 

In de haast vergeten mee te nemen
Zo lag daar nog een stapel oud hout op een met hekken afgeschermd
stukje land

 

Loodsen van BioShape in Mavuji
De zaak begon al aardig te verwaarlozen

 

Trial plot in Mavuji

Zo zag de 'trial plot' in Mavuji er begin 2009 uit

Na het verlaten van Mavuji

en in juni 2010: hoog onkruid met hier en daar een struikje jatropha

De B2 bij Mavuji

De 'snelweg' B2 bij Mavuji

Mavuji dorp

U nadert Mavuji....

Van eigen land verdreven

...u vertrekt uit Mavuji

De bewoners die nu in deze schamele hut wonen zijn door BioShape van hun

oorspronkelijk land verdreven


Het was opvallend dat zoveel inwoners van Mavuji en ex-werknemers van BioShape hun hart wilden luchten over het bedrijf. Vooral het lage loon was daarbij een heet hangijzer. De meeste medewerkers verdienden maar € 1,35 per dag en vooral het feit dat een heleboel mensen nog zaten te wachten op achterstallig loon of loon dat helemaal nooit is uitbetaald, zette bij velen kwaad bloed.

Een medewerkster die de ' BioShape compound' moest schoonmaken zei dat ze van het loon van € 5,80 per maand haar kinderen niet eens te eten kon geven. Dat bedrag was dan wel na aftrek van inkomsten belasting en National Social Security Fund.
Dat de Tanzaniaanse directeur van BioShape, Wilfred Onyoni, in het voorjaar nog even langs was geweest om een paar Euro te brengen als 'voorschot op het achterstallige loon' (!), maakte de inwoners van Mavuji boos. Hij kwam in een grote dure terreinwagen terwijl hij vertelde dat er geen geld meer was.
Een inwoner die anoniem wil blijven uit vrees voor represailles zegt, terwijl de tranen hem in de ogen schieten, dat hij nog vanaf november 2009 loon tegoed heeft. "We werden misleid," zegt hij. "We voelen de manier waarop we door BioShape behandeld zijn niet in lijn met de overeenkomst die we met BioShape hebben gesloten. BioShape beloofde ons allerlei dingen als we ons land zouden afstaan, maar alle beloftes zijn nooit waargemaakt."
"Er is ons veel geld voor onze grond geboden, $ 10 per hectare, maar we hebben slechts een zeer klein deel ontvangen. De rest is in de zakken van corrupte politici en ambtenaren verdwenen."
Een andere ex-medewerkster van BioShape, een voormalig Plantation Headwoman die in maart 2008 in dienst was gekomen en vier kinderen moet onderhouden, stond ook met tranen in haar ogen in de groep. Ze vond het niet eerlijk dat ze zo door BioShape behandeld was. Dat was eigenlijk de algemene teneur onder de inwoners, ze voelen zich door BioShape in de steek gelaten en verraden.
Desondanks probeert deze voormalige Plantation Headwoman er de moed in te houden. Ze heeft tegenwoordig een piepklein theehuisje in de buurt van Mavuji waar ze met enthousiasme af en toe een verdwaalde toerist ontvangt. Toen de hele groep, toch zo'n man en vrouw of 30 door de redactie van Fibronot.nl in haar theehuisje werd uitgenodigd, stroomden de tranen over hang wangen. Ze wilde geen geld hebben voor de versnaperingen, maar daar wilde de redactie van Fibronot.nl niet aan. Er werd netjes afgerekend, mèt fooi.
Een ex-medewerker van BioShape vroeg of hij nog wat mocht zeggen. Hij nam geen blad voor de mond, begrepen we van de tolk, toen hij verklaarde dat hij het heel erg vond dat de BioShape Benefits Foundation van mevrouw Vaes de belofte niet was nagekomen. Er zou nog wat gebouwd moeten worden, dat was hen al meer dan een jaar geleden beloofd, maar er gebeurde niets meer. Hij vond dit een schande.


Terug naar Camp Mavuji


In de regen boden de loodsen met roodachtige golfplaten een desolate aanblik. Wat overgebleven stammen hardhout, een houtverwerkingsbedrijf met zaagmachines en laadapparatuur en een stel volle containers met apparatuur waren de duidelijk zichtbare getuigen dat houtkap hier eens de belangrijkste activiteit was. Ook is er nog een graafmachine binnen in één van de loodsen te ontwaren.
Volgens inwoners en ex-werknemers van BioShape zou een niet afgebouwd gebouw met rode dakpannen het kantoor voor het management moeten worden.

Inwoners van Mavuji en ex-werknemers bevestigen stellig en zonder voorbehoud dat BioShape al in 2007 illegaal tropisch hardhout kapte nog voordat er in 2008 een vergunning werd aangevraagd.
Peter Sumbi, de Programma Directeur van het Wereld Natuur Fonds Oost Afrika in Dar es Salaam, zei indertijd dat het duidelijk was dat het primaire doel van BioShape was het kappen van zoveel mogelijk tropisch hardhout en dat de teelt van jatropha op de tweede plaats kwam.
Deze mening van het WWF werd onderbouwd toen in december 2007 door Cor Vaes en enkele aandeelhouders het bedrijf Kilwa Woodshape Tanzania Limited werd opgericht.
Volgens de Business Registration and Licensing Authority in Dar es Salaam is Kilwa Woodshape Tanzania Limited opgericht op 19 december 2007, hetzelfde jaar dat BioShape met het werk in Mavuji begon. Volgens de oprichtingspapieren was de belangrijkste activiteit het verwerken van hout.
Kennelijk werden de statuten van KWTL door BioShape tevens gezien als een vrijbrief om illegaal tropisch hardhout te kappen, want een officiële vergunning om hout te kappen was er namelijk niet.
Inwoners van Mavuji vragen zich zelfs openlijk af of Kilwa Woodshape Tanzania Limited ooit een kapvergunning heeft gekregen.


Controle

Volgens enkele ambtenaren van het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen en Toerisme, die in 2008 een controle bezoek aan Mavuji Camp hebben gebracht, is aan Kilwa Woodshape Tanzania Limited nooit een vergunning gegeven om tropisch hardhout te kappen en te verwerken.
``We hebben toen aan Kilwa Woodshape Tanzania Limited opdracht gegeven de loodsen te sluiten en de werkzaamheden onmiddelijk te staken, omdat ze geen vergunning van het ministerie hadden om hout te kappen, zoals volgens de wet vereist is,`` zei de directeur van de Forestry and Beekeeping Division, Dr. Felician Kilahama. De FBD maakt onderdeel uit van het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen en Toerisme in Tanzania.
Volgens inwoners van Mavuji gingen de werkzaamheden en het illegaal kappen na de sommatie van de FBD gewoon verder. Zelfs bosgebieden op ongeveer 50 km afstand ten noorden van Mavuji, in de buurt van het plaatsje Migiregere, werden daarna ook gekapt waarna wekenlang tractoren met aanhangers vol tropisch hardhout richting Mavuji Camp reden waar het hout werd gezaagd en vervolgens per grote vrachtwagen in containers naar Arusha werd vervoerd.

Nadat in 2008 de illegale houtkap goed op gang was gekomen werd volgens gegevens van de Business Registration and Licensing Authority onder registratienummer 66055 op 12 juni 2008 in Arusha het houtverwerkings bedrijf ARTIF opgericht. De voornaamste activiteiten van de Arusha Timber Factory was het maken van meubels, de bewaking van hotel- en restaurant complexen en nog een hele reels van andere activiteiten.
Vanuit Arusha werden de exclusieve hardhouten meubelen per vrachtwagen en container naar de haven van Dar es Salaam vervoerd voor transport naar Nederland. De lege vrachtwagen ging dan vervolgens weer van Dar es Salaam naar Mavuji om de volgende container met gezaagd hardhout op te halen.
Riep er iemand Jatropha?


De plantages

Met één blik op de plantages werd het direct duidelijk dat de natuur hier al bijna een jaar lang ongestoord z´n eigen gang is gegaan.
Een gebied dat ooit een vruchtbaar, door bossen bedekt natuurgebied was, is letterlijk verworden tot één grote woesternij waar enkele verdorde jatropha struikjes met gras en struiken met grote doornen wedijveren om de voedingsstoffen in de bodem en wat zonnestralen.
Er is uitvoerige gezocht naar een nursery, een kwekerij van Mpingo bomen, maar er is niets aangetroffen. Volgens de aanwezige (ex) medewerkers van BioShape bestaat die kwekerij niet. Er zijn twee jaar geleden wel wat experimenten gedaan met de kweek van 10 Mpingo plantjes maar die zijn net zo plotseling gestopt als ze begonnen waren.

De opmerking van de heer Hermans, dat slechts gedegradeerd Miombo Woodlands werd gekapt, wordt door geen enkele instantie in en buiten Tanzania onderschreven. Integendeel, in legio rapporten van het Wereld Natuur Fonds, ActionAid, Oxfam en lokale NGO's werd gewaarschuwd voor de verwoestende activiteiten van BioShape in het district Kilwa.
De verwoesting van de natuur was hen een doorn in het oog.
Deze verwoesting vond plaats in en in de omgeving van het Namateule/Namatimbili tegenwoud en ging tegen alle wetten in. BioShape had er maling aan.

Het District Kilwa is één van de armste districten van het land in termen van inkomen per hoofd van de bevolking, maar is uitzonderlijk rijk aan hulpbronnen met inbegrip van de biodiversiteit. Het District heeft 15 zeer grote bosreservaten met een oppervlakte van meer dan 350.000 ha.



Fibronot in Tanzania

 

Over de dubieuze rol van de minister van Lands and Human Settlement Development, John Chiligati en de Districts Commissaris van Kilwa, Nurdin Babu, wordt binnenkort in een volgend verslag, deel 3, uitvoerig ingegaan.
Het ziet ernaar uit dat beide lieden zich persoonlijk verrijkt hebben aan de activiteiten van BioShape en met geld van BioShape.
Zo blijkt het ministerie van Lands and Human Settlement Development zich actief bemoeid te hebben met de vergunningen om Village Land aan BioShape te verkopen en leasen, terwijl in Tanzania alleen het Tanzanian Investment Center, TIC, hiertoe bevoegd is. De uitvoerend directeur van het TIC is hier nog steeds erg verbolgen over dat hij buiten spel is gezet..

Over de rol van de Districts Commissaris van Kilwa zijn de inwoners van het District erg duidelijk: waar is het geld gebleven dat BioShape aan de inwoners heeft beloofd die land hebben verkocht? Waarom verdween ruim 60% van het door BioShape betaalde geld in de kas van de Districts Commissaris terwijl dit in feite aan de lokale bevolking toebehoorde?

Het is haast vermakelijk te horen dat beide heren, als één van de weinige in heel tanzania, de activiteiten van BioShape te vuur en te zwaard verdedigen. Dit kan geen toeval zijn.

 

Tanzania: corrupte ministers aan de kant geschoven

Maandag 29 november 2010

De president van Tanzania, Kikwete, heeft zijn nieuwe regeringsploeg gepresenteerd.
Opvallend in de nieuwe ministersploeg is dat enkele oudgedienden en zwaargewichten niet meer zijn teruggekeerd. Zwaargewichten die zonder uitzondering genoemd worden in fraude- en corruptieschandalen.
Onder hen is John Chiligati die tot vorige maand het ministerie van Lands, Housing and Human Settlements Development, leidde. John Chiligati en zijn ministerie worden genoemd bij het illegaal verstrekken van vergunningen en documenten aan BioShape. Deze website schreef daar op 30 oktober 2010 al eerder over.

Zijn ministerie zette het Tanzanian Investment Center, TIC, buitenspel. Het TIC is in Tanzania de aangewezen autoriteit die vergunningen verleent aan buitenlandse bedrijven die land willen kopen of leasen. De uitvoerend directeur van het TIC was zeer verbolgen over het feit dat zijn bureau door Chiligati buitenspel was gezet en dat aan BioShape door enkele duistere figuren op het ministerie van Lands, Housing and Human Settlements Development, een vergunning was gegeven.
De algemeen secretaris van het ministerie, Patrick Rutabanzibwa, heeft de betrokkenheid van ambtenaren van zijn ministerie bij de verkoop van grond, toegegeven. Zij deden dat in samenspraak met lokale politici.
De nieuwe minister zei verder nog dat het nu hoog tijd is geworden de rijke buitenlanders aan te pakken die de lokale bevolking intimideren en met behulp van corrupte politici en ambtenaren hun land afpakken. De eerste daadwerkelijke actie is al door haar uitgevoerd. Een hele rij ambtenaren van het ministerie is vandaag door de minister op non actief gezet om de weg te effenen voor het uitvoeren van een grondig onderzoek.
De minister was is haar vorige functie de hoge vertegenwoordigster van de Verenigde Naties Habitat Organisatie in Naïrobi, Kenia. Het doel van Habitat is het bevorderen van sociale en duurzame stedenbouw. Een van de strijdpunten daarin is het terugdringen van het nog steeds groeiend aantal sloppenwijken. In deze functie had ze veel te maken met corruptie en fraude, een ervaring die zeker van pas zal komen op haar ministerie.
Het is te hopen dat ook de Districts Commissaris van Kilwa in het onderzoek naar fraude en corruptie betrokken wordt. Deze beste man heeft ook nog een paar ton afkomstig van BioShape op een rekening staan of in een oude sok verstopt zitten.

Nu in de lokale en internationale pers berichten zijn verschenen dat het ministerie van Chiligati betrokken is geweest bij het verstrekken van illegale vergunningen aan BioShape was het kennelijk voor de president van Tanzania duidelijk dat hij dit soort figuren niet meer in zijn ministersploeg wilde hebben.
Ook is Chiligati het woordvoerderschap van de grootste regeringspartij CCM, ontnomen.

Chiligati had al geen schoon verleden, want in 2006 werd zijn naam ook al genoemd in een fraude- en corruptieschandaal bij de levering van terreinwagens aan politici die tot de regeringspartij CCM behoorden.
In een onderzoek dat Ernst & Young in 2006 uitvoerde waren bij deze fraude- en corruptiezaak zeker 22 bedrijven betrokken die zaken met de overheid deden en in het bezit waren van door verschillende ministeries vervalste documenten.
Het was deze John Chiligati die in een recent interview vertelde dat BioShape op een eerlijke manier aan documenten is gekomen. Samen met de Districts Commissaris van Kilwa, was hij de enige in het hele land die zei dat alles rond BioShape eerlijk is verlopen....

De president van Tanzania ziet het anders en heeft hem gepasseerd voor een nieuw ministerschap.
Volgens betrouwbare bronnen in Tanzania komt er een justitieeel onderzoek naar de manier waarop de vergunningen door het ministerie van Lands, Housing and Human Settlements Development aan BioShape zijn verleend. Een procedure waarin het Tanzanian Investment Center buiten spel is gezet.
In het onderzoek wordt nadrukkelijk ook bekeken of BioShape met het betalen van steekpenningen vergunningen heeft 'gekocht'. Ook de activiteiten van de BioShape Benefits Foundation worden in dit onderzoek betrokken.