De Energiewende in Duitsland:

Het laatste nieuws over Typhoon:

Vul je emailadres in en ontvang een melding van nieuwe berichten.

Fibronot browser support

Firefox4+  Chrome  Safari  Opera  IE9+

Mestvergister

Mestvergister

Op deze pagina wordt een schoon alternatief voor de kippenmestverbrander beschreven, de mestvergister.

Direct naar:

Anaerobe vergisting

De biogasvergister

Samenstelling biogasvergister

Gewassen voor biogasproductie

Schema mestvergister

De gasopbrengst

Biogas

Wat is methaan?

De opslag van biogas

De behandeling van biogas

De samenstelling van biogas

Het digestaat

Beperking van het broeikaseffect

Geurhinder

Is een biogasinstallatie rendabel?

“We verdienen er niets mee”

Wat kost een mestvergister?

Biogas uit pure kippenmest

Mestvergisting in Apeldoorn

Mestverbranding of mestvergisting?

Fraude met biogasvergisting

Mestvergister ‘t Haantje

De nieuwste ontwikkeling: Microferm

Mestvergistinginstallaties ingezet om afval om te katten

Dure covergistingsproducten doen biogasinstallatie de das om

Biogasbranche komt niet van de grond

Overzicht van alle bio energie centrales in Nederland

Stank zorgt voor overlast in Coevorden (20-01-2012)

Weer overlast in Coevorden (13-02-2012)

Mestvergister Heeten failliet (08-03-2012)

Nieuwe impuls co-mestvergisting (20-04-2012)

Hoe rendabel zijn biogasinstallaties? (23-05-2012)

BMEC moet dwangsom alsnog betalen (23-05-2012)

 

Er is een goed en schoon alternatief voor het verbranden van kippenmest, namelijk het vergisten van allerlei soorten mest en biomassa.

Het nieuwste van het nieuwste is een Nederlandse ontwikkeling: de pure mestvergister.

Zie hier

Anaerobe vergisting

 

Door het vergistingsproces onder bepaalde goed gecontroleerde omstandigheden te laten verlopen, komt er biogas vrij.

Anaerobe vergisting is een volledig natuurlijk proces. Voor dit proces zijn verschillende bacteriën verantwoordelijk. Ze breken organisch materiaal af en zetten het om in biogas. Dat doen ze in zuurstofloze omstandigheden (vandaar an-aeroob).

Vrijwel alle organische materialen kunnen worden vergist. Vergisting is een natuurlijk afbraakproces. Van nature in biomassa aanwezige bacteriën zetten de makkelijk afbreekbare organische stoffen om in brandbaar methaangas.

De methaanbacteriën zijn de producenten van biogas. Ze behoren tot de oudste levende wezens op aarde. Drie tot vier miljard jaar geleden kwamen ze al voor, lang voor het ontstaan van de atmosfeer, zoals we ze nu kennen. Op dat ogenblik bevatte de atmosfeer nog geen zuurstof. Dat verklaart meteen waarom tot vandaag de methaanbacterie kan overleven in een zuurstofloze omgeving.

In de natuur vind je nog altijd omstandigheden die bijzonder gunstig zijn voor de ontwikkeling van de methaanbacterie. Ze komen bijvoorbeeld voor in moerassen, op de bodem van de oceanen en in de maag van een koe. Intussen weten we dat de methaanbacterie zich ook thuis voelt op onze stortplaatsen. Vandaar dat op sommige van die terreinen methaangas gewonnen wordt.

De biogasvergister

De vergister is in principe een gasdichte, geïsoleerde, verwarmde en geroerde silo, waarin het biogas uit de biomassa wordt gewonnen. Aanvoer van mais en afvoer van digestaat (vergist product) verlopen in principe gelijktijdig en in gelijkblijvende hoeveelheden. In de wand van de vergister is een warmte-wisselaar geplaatst waarmee een gedeelte van de warmte van de gasmotor wordt overgedragen aan het substraat om deze op temperatuur te houden. Het substraat wordt op gezette tijden geroerd.

Het biogas wordt opgevangen in een gasopslag die zich boven de vergister bevindt. Bij grote vergistingsinstallaties wordt vaak een na-vergister geplaatst. In de na-vergister komen de laatste resten biogas uit de mest vrij. Het gas uit de hoofdvergister wordt via de na-vergister naar de warmtekrachtinstallatie (WKK) gevoerd.

Samenstelling van de biogasvergister

• Vergistingssilo. Een vergistingssilo bestaat uit een betonnen silo zoals die veelal voor de opslag van mest wordt gebruikt. De tank is goed geïsoleerd om het warmteverlies te beperken. Silo’s voor de vergisting dienen gasdicht afgedekt te worden. Voor de afdekking kan gekozen worden voor een vast dak of een folie. De afdekking kan hangend in de vergister geplaatst worden, boven de vergistende massa.

• Mengsysteem. Een mengsysteem (roerwerk) zorgt voor een gelijkmatige temperatuurverdeling binnen de vergister, een goede menging van het substraat, het voorkomen van drijf- en bezinklagen en het tegengaan van het ontstaan van schuimlagen (het ontgassen van de biomassa). Er is een scala aan technische uitvoeringsvormen voor een roerwerk. De meest eenvoudige typen zijn een verticale peddel, een dompelpomp of een hydraulisch systeem. Verwarmingssysteem. Het verwarmingssysteem (wandverwarming en/of bodemverwarming) dient om het substraat op de optimale temperatuur voor het vergistingsproces te houden. Het bestaat uit een warmtewisselaar, warmwaterleidingen, een waterpomp en een warmtebron.

• Pompen. Pompen worden gebruikt om het substraat de vergister in en het digestaat (vergiste mais) de vergister uit te pompen. Om zoveel mogelijk bezinkende deeltjes te verwijderen wordt de afvoerbuis nabij de bodem van de vergister bevestigd.

• Gasbehandeling. Het biogas bevat naast methaan en kooldioxide ook waterdamp en zwavelwaterstof . Het water condenseert bij afkoeling van het gas en wordt in vloeibare vorm afgevoerd. Het corrosieve zwavel¬waterstof wordt veelal biologisch verwijderd. Bij beluchting van het biogas in de vergistingstank tot een mengsel met enkele procenten zuur¬stof ontstaat een reactie met zwaveloxiderende bacteriën in de mest. Het zwavelwaterstof reageert hierbij tot elementair zwavel dat als vaste stof neerslaat in het digestaat. Het toevoegen van lucht aan een brandstof kan leiden tot een explosief mengsel. Bij biogas moet sprake zijn van een verdunning van 90 tot 95% lucht om tot een explosief mengsel te komen. De biologische ontzwaveling brengt een hoeveelheid lucht in het biogas die ongeveer 180 maal te klein is om dit te veroorzaken. (Om 100 m 3 biogas te reinigen is zo’n 5 m 3 ontzwavelingslucht nodig, om een explosief mengsel te vormen moet in plaats van 5 m 3 zo’n 900 m 3 lucht worden toegevoegd.)

Gewassen voor biogasproductie

Tot voor kort werd biogas hoofdzakelijk geassocieerd met mestverwerking. De laatste jaren kijkt men in de landbouw met belangstelling uit naar experimenten waarbij (energie)gewassen geteeld worden met het oog op de

productie van biogas door middel van anaerobe vergisting.

Een dergelijk gewas moet een aantal eigenschappen combineren. Het moet een flinke opbrengst aan organisch materiaal per hectare garanderen, én het moet een bruikbaar gas opleveren. Met andere woorden: ook de samenstelling van het biogas dat gewonnen kan worden, is van belang.

Afhankelijk van al deze factoren en de geschatte inkomsten uit de biogasproductie zal het ene gewas meer dan het andere in aanmerking komen voor anaerobe vergisting.

De vergistbaarheid van de verschillende grondstoffen

De vergistbaarheid van verschillende grondstoffen

Mest is verreweg de bekendste stof die wordt vergist tot energie. Meestal wordt dunne mest afkomstig van varkens en/of runderen gebruikt. Omdat mest gemakkelijk vergist wordt het vaak gecombineerd met andere organische reststromen. Dit wordt co-vergisting genoemd. Door co-vergisting van mest met organische reststromen kan de biogasproductie en daardoor de rentabiliteit van de installatie aanzienlijk worden verhoogd.

De biogasproductie uit zuivere mest is gering. Vandaar dat in een vergistinginstallatie meestal verschillende biomassastromen gelijktijdig worden vergist. Door energierijke organische afvalstoffen toe te voegen zoals resten uit FSC houtindustrie, bermgras, snoei- en dunningshout, koeien- of varkensmest, of restproducten uit de voedselverwerkende industrie, doen de bacteriën beter hun werk en neemt de biogasopbrengst aanzienlijk toe.

Schema mestvergister

In een zogenaamde biogasvergister wordt kippenmest vermengd met bijvoorbeeld verse stalmest of andere biomassastromen. Dit kan koeien- of varkensmest zijn, snoei- en dunningshout, bermgras en resten uit FSC. Het probleem bij kippenmest is dat de stof in feite te droog is om zelf in een vergistingsproces te geraken. Het aandeel droge stof in kippenmest is ongeveer 50%. Door verse stalmest en andere biomassastromen toe te voegen en de zaak goed te mengen ontstaat een uitstekende grondstof die op een temperatuur van ongeveer 33° wordt gebracht waarna het vergistingsproces in werking treedt.

Het gas dat vervolgens ontstaat is biogas.

Biogas bestaat uit een mengsel van voornamelijk methaan (55-65%) en kooldioxide (35-40%). Verder is het verzadigd met waterdamp en bevat het sporen van waterstof , zwavelwaterstof en ammoniak.

Dit biogas wordt bovenin de vergistingsbak opgevangen en in z’n eenvoudigste vorm naar een WKK gevoerd die er vervolgens electrische stroom van maakt. Bij de omzetting van methaangas naar electrische stroom komt in de WKK nogal wat warmte vrij dat gebruikt wordt voor het verwarmen van gewoon water dat op z’n beurt gebruikt wordt voor de verwarming van huizen.

Het restproduct uit de vergister, de vergiste mest, of digestaat, wordt weer als bemesting op het land gebruikt.

Er kleeft een nadeel aan het transport van warm water, het kost veel en het rendement van de transportleiding is slecht.

Hoeveel gas levert mestvergisting nu eigenlijk op?

Dat is afhankelijk van de soorten grondstof die aangevoerd worden.

Zo heb je kippenmestvergisters die aangelengd worden met koeien- of varkensmest, maar ook mais dat ingekuild is komt in aanmerking. Dit wordt co-vergisting genoemd.

Pluimveemest is prachtig materiaal voor co-vergisting. Een ton droge pluimveemest kan, indien het gemengd wordt met koeienmest of andere biomassastromen van de ‘groene’ lijst, ongeveer 200 kuub gas opleveren. Bij de opkomst van mestvergisting speelt pluimveemest dus zeker een rol.

De gasopbrengst

De opbrengst aan biogas is dus afhankelijk van de hoeveelheid organische stof en de samenstelling daarvan. De grafiek hieronder geeft een indicatie van het biogaspotentieel van verschillende materiaalstromen.

Opbrengst biogas

Biogasopbrengst per kuub materiaal

(Klik op de grafiek om te vergroten)

 

Biogasopbrengst en productiekosten van conventionele akkerbouwgewassen

Biogasopbrengsten en productiekosten van conventonele akkerbouwgewassen

(Klik op de grafiek om te vergroten)

Het eindproduct van anaerobe vergisting: biogas

Door de vergisting van organisch materiaal ontstaat biogas. Er blijft echter ook een residu achter, het zogenaamde digestaat.

Biogas is een energierijk gas dat in hoofdzaak is samengesteld uit methaan en koolstofdioxide. De energie-inhoud wordt vooral bepaald door de hoeveelheid methaan die erin aanwezig is.

de eigenschappen van biogas en aardgas

De eigenschappen van biogas en aardgas

Wat is methaan?

Methaan (CH4) werd in 1778 ontdekt door Alessandro Volta. Het is de eenvoudigste koolwaterstof en het voornaamste bestanddeel van aardgas. In natuurlijke vorm wordt methaan vooral aangetroffen in de buurt van aardolie en andere fossiele brandstoffen. Het heeft een vergelijkbare geologische oorsprong en is ontstaan uit vergane resten organisch materiaal.

Het is bij kamertemperatuur en bij atmosferische druk een gas. Bij een druk van 1 atmosfeer heeft de stof een smeltpunt van 91 K (-182°C) en een kookpunt van 111 K (-162°C).

De opslag van biogas

Wanneer in de vergister biogas ontstaat, is het de bedoeling dit gas op te vangen. Het gas zou direct aangewend kunnen worden in een warmtekrachtkoppeling (WKK).

Maar om fluctuaties in de gasproductie en –kwaliteit te vermijden, verdient het de voorkeur het gas vooraf op te vangen. Dat kan in de vergister zelf gebeuren, of in een externe opslagtank.

Biogasreactor

De biogasreactor

Behandeling van biogas

Biogas is niet altijd onmiddellijk geschikt voor gebruik. Vaak zijn extra behandelingen nodig, waarvan ontzwaveling en condensatie de belangrijkste zijn.

• Ontzwaveling is nodig om waterstofsulfide (H2S) uit het biogas te verwijderen. In te grote concentraties remt    waterstofsulfide de vergisting, maar daarnaast veroorzaakt het ook corrosie aan de WKK-installatie. Een veel    toegepaste werkwijze om waterstofsulfide af te breken is de toevoeging van een kleine hoeveelheid zuurstof    (lucht) in de biogaszone van de vergister. De bacteriën verbruiken het waterstofsulfide in hun stofwisseling en    produceren daarbij elementair zwavel.

• Condensatie moet gebeuren om storingen en slijtage te vermijden aan de toestellen die het biogas gebruiken.    Biogas heeft een relatieve vochtigheid van 100 %. Door het gas te koelen condenseert een deel van de    waterdamp.

Dit gebeurt in de gasleiding, waar op het diepste punt een condensafscheider is voorzien. Bij een geforceerde    koeling is het mogelijk méér waterdamp te verwijderen.

• Door het gekoelde biogas opnieuw licht te verwarmen, verlaagt de relatieve luchtvochtigheid. Zo wordt    voorkomen dat er zich water afzet in de motor.

Biogas kan op heel wat manieren nuttig zijn. Vanuit energetisch standpunt is rechtstreekse omzetting naar warmte de meest rendabele. Met een moderne brander is het mogelijk 100 % van de aanwezige energie te gebruiken.

De samenstelling van biogas

Uit welke componenten is biogas samengesteld en kunnen we dit biogas zonder meer in het openbare aardgasnet pompen?

Samenstelling Biogas

Samenstelling van biogas

Biogas wordt tot nog toe hoofdzakelijk gebruikt voor elektriciteitsproductie. Als de restwarmte niet goed benut kan worden is dat echter niet de optimale oplossing. Vandaar dat de overheid er naar streeft groen gas bij te mengen in het normale aardgasdistributienet. Voor biogas betekent dit dat het eerst in zuiverheid en energiewaarde moet worden opgewaardeerd, zodat die overeenkomen met de waarden voor het in Nederland aanwezige aardgas.

Door reiniging van biogas kan de kwaliteit van het biogas worden verbeterd, met name door verwijdering van water en waterstofsulfide. Toepassing vindt bijvoorbeeld plaats in WKK‘s en als autobrandstof. In Nederland wordt opgewaardeerd biogas bijgemengd in het aardgasnet. In dat geval is ook verwijdering van het grootste deel van het aanwezige koolstofdioxide (CO2) noodzakelijk om een voldoende hoge verbrandingswaarde te halen.

Bij het aanbieden van groen gas aan het gasnet liggen de reinigingskosten relatief hoog. ‘Hierdoor wordt het produceren van groen gas pas op een schaal van honderd megawattcentrales rendabel,’ zegt een medewerker van het ECN.

Of men moet de opbrengst van meerdere kleinere vergistingsinstallaties koppelen.

Digestaat

Na vergisting van organisch materiaal blijft een digestaat achter. De samenstelling hangt af van het oorspronkelijke materiaal en van de veranderingen die optreden tijdens de vergisting.

Afhankelijk van zijn vorm wordt organisch materiaal voor 24 % tot zelfs 80 % afgebroken en grotendeels omgezet in biogas. Ruwe vezels zijn moeilijker af te breken dan koolhydraten en vetten. Dit houdt verband met de hoeveelheid lignine, omdat die niet door anaerobe vergisting wordt afgebroken. Voorts speelt ook de

temperatuur en de verblijftijd van het materiaal in de vergistingstank een rol.

Andere nutriënten of mineralen zoals fosfor, calcium, kalium en magnesium blijven in het digestaat in dezelfde hoeveelheid achter.

Vergisting doet de viscositeit van het materiaal afnemen. Het gehalte aan droge stof vermindert en het digestaat heeft een minder uitgesproken geur dan het uitgangsmateriaal, omdat de makkelijk afbreekbare verbindingen zijn omgezet in biogas.

Tijdens de vergisting treden een aantal chemische veranderingen op. Door de vergisting wordt stikstof omgezet in ammoniumvorm. Door de pH-stijging gaat een deel ervan als ammoniak voorkomen. Dit betekent dat wie het digestaat als meststof wil gebruiken, het digestaat het beste emissiearm uitspreidt.

Omwille van de beschikbaarheid aan voedingsstoffen is het digestaat een dankbare meststof. Vooral de stikstof is na vergisting vaak beter beschikbaar voor de planten.

Toch is het aangewezen de kwaliteit van het digestaat nauwlettend in het oog te houden en ervoor te zorgen dat zowel de concentratie aan zware metalen als aan onzuiverheden beperkt blijft.

Koper bijvoorbeeld, dat in aanzienlijke hoeveelheden aan kippenvoer wordt toegevoegd, komt in dezelfde hoeveelheid en concentratie in het digestaat terecht. Om die reden verbieden veel landen het gebruik van digestaat van biogasinstallaties waar veel kippenmest vergast wordt, als meststof op het land.

Beperking van het broeikaseffect

Tijdens de anaerobe vergisting vormen zich verschillende gassen, waarvan sommige schadelijk zijn voor het milieu. Zo is methaan een broeikasgas, waarvan de werking 21 keer sterker is dan die van koolstofdioxide.

De uitstoot van methaan in de vrije lucht moet dus voorkomen worden. Anaerobe vergisting helpt daarbij. Bij een correcte bedrijfsvoering zal er immers methaan vrijkomen, omdat u dit gas juist wilt valoriseren.

Wanneer het methaangas zorgvuldig wordt opgevangen, levert anaerobe vergisting een milieuvoordeel op, aangezien ook bij niet-vergisting van organisch materiaal methaangas vrijkomt, dat dan ongehinderd in het milieu verdwijnt.

Geurhinder

Het vergistingsproces vindt plaats in volledig gesloten tanks, maar geurhinder zou kunnen ontstaan op andere plaatsen zoals bij:

• de toevoer van co-producten

• de voor- of nabehandeling

• de opslag van co-producten of afvalstoffen in een ontvangsthal

• De mengput

• de verdere afwerking van het digestaat tijdens de scheiding in dunne en dikke fractie

Bij elke installatie kijkt u daarom best na waar de kans op het ontstaan van geur het grootst is. Op deze plaatsen kunnen eventueel maatregelen genomen worden om potentiële geurhinder te vermijden.

^top

Rendabel?

Laten we er niet omheen draaien, biogasinstallaties in Nederland hebben het moeilijk. Hoewel de brandstofprijzen weer stijgen, stijgen ook de kosten van coprodukten en de afzetkosten van het digestaat.

Digestaat is vergiste mest en is het restproduct van de biogasproductie

Terwijl vergisting van mest een geweldige techniek is.

De prijzen van coprodukten zijn het laatste jaar flink gestegen vanwege de grote vraag naar deze materialen die dienen als grondstof voor biomassavergisters. Leveranciers exporteren liever naar landen als Duitsland en België omdat ze daar vaak een betere prijs krijgen voor hun coprodukten.

De politiek is aan zet of er nog kansen liggen voor nieuwe installaties. Eén van de oplossingen zou kunnen komen van de opzet van energie coöperaties, zoals deA in Apeldoorn. Een coöperatie van eigenaren die gezamenlijk stroom opwekt en door kan leveren aan individuele huishoudens tegen een tarief van 20 eurocent per kWh.

Het biovergisten is dus nog niet echt rendabel en veel bedrijven zijn dan ook niet bijster tevreden over wat er van de opgewekte electrische stroom overblijft. Ongeveer 60% van de stroom gaat verloren in de vorm van warmte. Vandaar dat veel bedrijven overstappen op de productie van groen gas. Bij de productie van groene stroom komt restwarmte vrij die niet wordt benut. Met de productie van groen gas treedt er nauwelijks energieverlies op.

Hierbij wordt het biogas uit de vergister opgewaardeerd naar de kwaliteit die het aardgas uit Slochteren heeft, waarna het aan het openbare gasnet wordt toegevoegd.

Er worden wel wat eisen gesteld aan de aangeleverde mest die in een vergister gebruikt wordt . Zo mag bijvoorbeeld kippenmest niet teveel stro en grit bevatten.

Deze stoffen vergisten nauwelijks, kunnen klonten en vellen in de pap veroorzaken en ze verstoppen leidingen waardoor het vergistingsproces vertraagd wordt.

“We verdienen er niets mee”

Onderzoekers van de Universiteit Wageningen en Kema hebben een aantal Nederlandse bio-energie-initiatiefnemers geïnterviewd en de Nederlandse situatie vergeleken met die in Duitsland en Frankrijk.

Een vergisterboer uit Brabant baalt van alle hobbels rondom mestvergisting.

Willy Gijsbers, voorzitter van stichting Duurzaam Landleven Bernheze, heeft nogal wat ervaring met de hobbels rond mestvergisting. Tien jaar deed de stichting over een vergunningtraject voor de biomassavergister in Dinther (N.-Br.). Twee derde van de geïnteresseerde veehouders haakte daardoor uiteindelijk af. Ook de toegekende Europese subsidie van €400.000 verviel.

Het binnenhalen van die subsidie had de deelnemers €35.000 gekost.

Inmiddels draait de vergister van 1 MW drie jaar en haalt hij het optimale rendement.

Per jaar wordt 30.000 ton mest vergist, samen met co-producten. “Toch verdienen we er nog niks mee”, zegt

Gijsbers. Dat komt door de beperkte witte lijst. “De mooie spullen, zoals vetten, gaan naar België. Wij kunnen duur glycerine terugkopen, waardoor er onder de streep niets overblijft.”

Lees hier het artikel van de Universiteit Wageningen in Boerderij van januari 2011.

Wat kost een mestvergister eigenlijk?

Op deze pagina worden 3 mestvergisters genoemd, de mestvergister in ‘t Haantje in Drenthe, de mestvergister die in Klarenbeek bij Apeldoorn gebouwd gaat worden en de pure mestvergister van Microferm die in Langeveld staat.

De vergister in ‘t Haantje is in zijn soort de grootste in Nederland en voor de bouw moeten we toch aan een investering van minstens € 8 miljoen tot € 12 miljoen denken. Deze vergister is goed voor de electiciteitsproductie van 15.000 woningen.

De mestvergister in Klarenbeek is een stuk kleiner en daar denken we aan een investering van tussen de € 1 miljoen en € 4 miljoen. Deze vergister zou goed moeten zijn voor de electriciteitsproductie van ongeveer 3000 woningen.

Het kleinste type, maar daarom zeker niet minder interessant is de pure mestvergister die in Langeveld staat. Deze mestvergister werkt zonder co-producten, dus alleen op pure stalmest. Hij wekt warmte en stroom op die voldoende is voor ongeveer 150 woningen. De prijs? Ongeveer drie ton aan Euro’s.

De techniek staat echter niet stil.

Biogas uit pure kippenmest

Hoewel kippenmest net als koeien- en varkensmest een logische biobrandstof voor vergistingsinstallaties lijkt, was dit tot nu toe zeker niet het geval. Door de samenstelling van de kippenmest is het rendement van de vergisting minder dan twintig procent, simpelweg omdat het goedje in een vergister onvoldoende wordt afgebroken om er voldoende methaangas uit te winnen.

De oplossing: met de juiste voorbehandeling van de kippenmest is het uitermate geschikt voor de productie van biogas.

Een biotechnologisch adviesbureau in Groningen heeft nu een procedé ontwikkeld om zuiver kippenmest geschikt te maken voor vergisting. Aan de kippenmest wordt in vier stappen onder de juiste temperatuur biochemicaliën toegevoegd. Dit proces duurt 16 uur waarna de behandelde kippenmest een smeuïge massa is geworden en het zo in de vergister kan worden gegoten.

Normaal ligt het rendement bij een pure kippenmestvergister op ongeveer 20 procent. Na de behandeling met biochemicaliën ligt het rendement op 62 procent. Eén ton kippenmest levert nu vierhonderd kuub biogas op. Dat is ongeveer vier keer zoveel als bij vergisting van een ton varkensmest.

Kippenmest heeft echter ook een nadeel: het zit boordevol met fosfaten. Het bedrijf in Groningen werkt momenteel aan een methode om deze fosfaten efficiënt uit de kippenmest te winnen. Hierna kunnen deze als mest op het land worden gebruikt, of worden gecomposteerd.

Het bedrijf in Groningen heeft in nauwe samenwerking met een machinefabriek in Emmen een kippenmestvergister gebouwd die met veel succes sinds juli 2010 op een akkerbouwbedrijf in Zuidvelde in Drente draait.

De provincie Drente is nauw betrokken bij de verdere ontwikkeling van het procedé.

Mestvergisting in Apeldoorn?

Eind 2008 is bekend geworden dat een groep agrariërs op en rondom de Ecofactorij in Apeldoorn een mestvergistingsinstallatie willen bouwen.

Men wil het opgewekte biogas verzamelen op de Ecofactorij, dit opwerken tot aardgaskwaliteit en dan injecteren in het aardgasnet. Hiermee voorzie je de stad op een gemakkelijke wijze van energie; het gaat in dit project om een hoeveelheid biogas van ongeveer 19,5 miljoen m³ per jaar. Dit biogas zou dan in een verwerkingsinstallatie op de Ecofactorij omgezet moeten worden naar aardgaskwaliteit, waarna er ongeveer 15 miljoen m³ gas van aardgaskwaliteit overblijft wat voldoende is voor de energievoorziening van circa 7500 woningen, er van uitgaande dat een woning gemiddeld 2000 m³ gas per jaar verbruikt.

Met tien mestvergisters van deze grootte zouden nagenoeg alle huizen in Apeldoorn van energie kunnen worden voorzien.

Voor de energie van het restant van de woningen zouden kleinere mestvergisters zoals die binnenkort aan de Kleinedijk in Klarenbeek wordt gebouwd, kunnen voorzien. Deze vergisters produceren per stuk ongeveer 4,3 miljoen m³ biogas per jaar, wat overeenkomt met 2,5 miljoen m³ groen aardgas.

Bij een voortvarende aanpak zou Apeldoorn dan misschien zelfs vijf jaar eerder, dus in 2015 volledig in eigen energiebehoefte kunnen voorzien.

Helaas is om onduidelijke redenen de bouw van de mestvergister aan de Kleinedijk in Klarenbeek vertraagd. Zie hier . De bouw van deze mestvergister zou in november 2010 beginnen, maar op dit moment, 5 november 2011, wordt er nog niets gebouwd.

Men zou ook gewassen willen vergisten in deze installaties. Stukken grond in Zonnehoeve en op de Ecofactorij die nog niet op korte termijn worden uitgegeven, worden tegen een geringe vergoeding beschikbaar gesteld aan de agrariërs.

Als de gemeente voortvarend te werk gaat, dat betekent dus met financiële ondersteuning, kan over vier jaar dit enorme project al draaien en is Apeldoorn al in 2014 voor meer dan de helft energieneutraal en waarschijnlijk in 2016 volledig energieneutraal bij actief doorgevoerd beleid.

Het is jammer dat de gemeente Apeldoorn nu slechts regiserend optreedt en de initiatieven aan het bedrijfsleven over laat. In dat geval luidt de conclusie dat Apeldoorn z’n doelstelling om in 2020 energieneutraal te zijn, vaarwel kan zeggen, maar waarschijnlijk zijn de lokale politici zich nog niet daarvan bewust.

Het lokale bedrijfsleven is niet bereid alleen de financiële kar te trekken. Ze hebben dan ook terechte bedenkingen. Hoe zit het bijvoorbeeld met de subsidies? Tot nu toe draaien mestvergisters nauwelijks rendabel en kosten alleen maar geld.

Het zelfde geldt voor een eventueel op te richten Duurzaam energiebedrijf Apeldoorn, DeA. De gemeente Apeldoorn wil de regie wel voeren zolang het geen geld kost. Het lijkt er nu op dat het bedrijfsleven afwacht wat de gemeente doet en de gemeente wacht af wat het bedrijfsleven gaat doen.

Alle plannen met betrekking tot de uitvoering van bovenstaande mestvergisters zouden prima in een Duurzaam energiebedrijf Apeldoorn passen. Samen met wat kleine windmolenparken kan zo’n energiebedrijf er mede voor zorgen dat Apeldoorn misschien toch nog in 2020 voor een groot deel energieneutraal kan zijn.

Geef inwoners van Apeldoorn de mogelijkheid in het Duurzaam energiebedrijf Apeldoorn te participeren voor, zeg € 1000 of in veelvouden daarvan. Biedt participanten op basis van de grootte van hun  participatie een korting aan op de energietarieven of desnoods een verlaging van de gemeentelijke belastingen. Indien inwoners van Apeldoorn en zeker de omwonenden van windmolens en biomassavergisters op deze wijze betrokken worden  dan zal blijken dat er ineens veel minder weerstand onder de bevolking leeft tegen het opwekken van duurzame energie in hun onmiddellijke leefomgeving.

Het lijkt er op dat Apeldoorn zijn kans om te verduurzamen jaren geleden heeft weggegooid met de verkoop van de Veluwse Nuts Bedrijven aan NUON. Dat komt omdat Apeldoorn de relatie met een eigen groot energiebedrijf teveel ontwikkelde langs de lijn van de kwartaalcijfers.

De echte kans was geweest om het bedrijf niet te verkopen, maar het anders te benutten.

Biomassa projecten in Apeldoorn

Vergevorderde plannen met biomassavergisters in Apeldoorn in oktober 2009.

Bij de energiecentrale van Fibroned B.V. staat dat de vergunning is aangevraagd.

In januari 2011 was er nog steeds geen vergunning aangevraagd.

De tabel is overgenomen uit een rapport van Biomass Technology Group, BTG, in Enschede, getiteld, Inventarisatie biomassa regio Stedendriehoek.

De bouw van mestvergisters op boerenerven staat ter discussie na een uitspraak van de Raad van State in augustus 2007. Het hoogste rechtsorgaan vindt het opwekken van duurzame energie geen agrarische activiteit en dus horen vergisters niet thuis op een boerenerf.

De uitspraak kan verstrekkende gevolgen hebben voor agrarische bedrijven die zelf duurzame energie willen opwekken, zoals thuis op het boerenerf, maar op een industrieterrein als de Ecofactorij kunnen deze mestvergisters uitstekend een plaats vinden. De Ecofactorij ligt bovendien centraal in de Stedendriehoek. Aangevoerd biogas uit de wijde omgeving kan hier opgewaardeerd worden tot aardgaskwaliteit. Een aansluiting op de hogedruk aardgasleiding is geen probleem, die loopt voor de deur langs.

De vervuiling van biomassavergisters is minimaal, er zijn geen hoge schoorstenen nodig die de horizon vervuilen en ook de huidige biomassavergisters zijn zodanig in het landschap in te passen dat ze geen optische vervuiling meer geven.

De uitspraak van de Raad van State heeft betrekking op een plan voor een biomassavergistingsinstallatie op Texel.

Met succes heeft de Vereniging 10 voor Texel zich samen met anderen tot bij de Raad van State verzet tegen de komst van een biomassavergistingsinstallatie bij Oosterend. De komst van deze biomassavergistingsinstallatie, bestaande uit vijf silo’s en een enorme loods van 1800 m2, zou een flinke toename van verkeers-, geluids- en stankhinder betekenen en het prachtige gebied ‘het Oude land van Texel’ ontsieren.

De geplande biomassavergistingsinstallatie was in strijd met het geldende bestemmingsplan. Om de installatie toch te kunnen realiseren was het noodzakelijk om het bestaande agrarisch bebouwingsvlak te vergroten via een zogenaamd wijzigingsplan. De installatie zou dan namelijk binnen het bebouwingsvlak kunnen worden gebouwd waardoor er, volgens de gemeente en gedeputeerde staten, geen sprake zou zijn van strijd met het bestemmingsplan. Kort gezegd was het vergroten van het agrarische bebouwingsvlak slechts toegestaan ten behoeve van een ‘agrarische activiteit’.

De vraag waar het aldus om draaide, was of het vergisten van biomassa een ‘agrarische activiteit’ is. De Raad van State oordeelde in deze zaak dat het vergisten van biomassa niet kan worden beschouwd als een ‘agrarische activiteit’. Met de beoogde biomassavergistinginstallatie zou onder andere elektriciteit worden opgewekt en wel van een zodanige betekenis dat van ‘agrarische activiteit’ geen sprake kon zijn. Van de opgewekte elektriciteit zou namelijk 97 procent doorverkocht worden aan derden. De biomassavergistingsinstallatie zou ongeveer 50 procent van de totale inkomsten van het bedrijf genereren.

De bouw van de biomassavergistingsinstallatie kon derhalve geen doorgang vinden, dit tot vreugde van 10 voor Texel, buurtbewoners en anderen.

Mestverbranding of mestvergisting?

1 m³ mengsel van kippenmest en mais levert zoveel methaangas op dat er ongeveer 200 kWh electriciteit mee kan worden opgewekt. Dat betekent dat met 165.000 m³ kippenmest en mais ruim 33 miljoen kWh electriciteit kan worden opgewekt.

Eén m³ mensel van kippenmest en mais weegt ongeveer 800 kg, dus hebben we totaal een aanvoer van 132.000 ton kippenmest en mais nodig.

FibroNed wil per jaar 33 miljoen kWh electriciteit opwekken. Daar gebruikt FibroNed echter 300.000 ton kippenmest en 85.000 ton andere biomassa voor.

Mestverbranding heeft dus om dezelfde hoeveelheid electriciteit op te wekken bijna drie keer zoveel biomassa nodig dan er bij mestvergisting nodig is. Dat betekent een hoop extra vervuiling bij een kippenmestverbrander. Eenvoudig gezegd wordt het restant van 253.000 ton door de schoorsteen naar buiten geblazen in de vorm van CO2, stikstofdioxide, fijn stof en nog een heleboel andere chemische rommel.

Het belangrijkste product van de mestvergister is het methaangas. Het methaangas drijft een gasmotor aan, de WKK, waar een generator op zit die er electriciteit mee opwekt. Het water voor de koeling van de WKK wordt gebruikt om huizen mee te verwarmen en om het gistingsproces van de mestvergister op temperatuur te houden.

Een mestverbrander warmt water op waarna er onder hoge druk stoom mee wordt opgewekt. Met de stoom wordt een generator aangedreven die de electriciteit maakt.

Het is duidelijk dat het rendement bij een mestvergistingsinstallatie aanmerkelijk hoger ligt dan bij een mestverbrander.

Samenstelling van verschillende soorten mest:

Voordelen van mestvergisting

De voordelen van het vergisten van kippenmest vergeleken met het verbranden van kippenmest zijn legio.

Het allerbelangrijkste voordeel van een vergistingsinstallatie is dat er géén hoge schoorsteen nodig is, omdat er geen gevaarlijke afvalgassen ontstaan. Het enige product dat er bij vergisting ontstaat is methaangas dat volledig wordt verbruikt bij de opwekking van electriciteit en warmte. Het bijproduct, de vergiste mest wordt als mest weer op het land uitgestrooid. Hier zitten geen giftige stoffen in zoals bijvoorbeeld koper die wel in de mestreststoffen van een kippenmestverbrander aanwezig zijn.

Nadelen?

Als nadeel wordt door de tegenstander van mestvergisting (FibroNed) aangevoerd dat de kippenmest teveel stro en grit zou bevatten, wat klonten en andere vellen in de mestpap zou veroorzaken, die op hun beurt weer verantwoordelijk zouden kunnen zijn voor verstopping van het leidingstelsel.

Vervolgens rijst dan de vraag of al dat kippengrit in de mest dan wèl in een mestverbrander verbrand mag worden.

In de kippenmestverbrander mogen in principe alleen dierlijke en plantaardige stoffen verbrand worden.

Dit zogenaamde kippengrit bestaat voor meer dan 90% uit kalk dat niet volledig door de kip wordt verteerd.

Bij de verbranding van kalk komen grote hoeveelheden fijn stof, PM 10, vrij.

De Wereld Gezondheids Organisatie en de Gezondheidsraad hebben voor fijn stof niet eens een minimum grenswaarde vastgesteld waarboven de volksgezondheid gevaar loopt, zulk gevaarlijk spul is het. Dat betekent dat iedere hoeveelheid die door FibroNed uitgestoten wordt de gezondheid van mens en dier in Apeldoorn en omgeving in gevaar kan brengen.

Als dezelfde hoeveelheid kalkhoudende schelpengrit die FibroNed voornemens is te verbranden, in een cementoven, waar cement wordt geproduceerd, zou worden verbrand, dan zouden de zeer strenge milieueisen die bij cementovens bestaan moeten worden gevolgd.

Een aanzienlijk deel van de biomassa die FibroNed wil verbranden bestaat uit het kalkhoudende grit. Daarbij gaat het om naar schatting vele honderden tonnen grit per jaar.

Fraude met biogasvergisting

Volgens de Inspectie SZW, de voormalige Arbeidsinspectie van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegendheid staan er in Nederland op 1 februari 2012 ongeveer 232 vergistingsinstallaties waarvan 89 installaties die ook co-vergisten. Er is voor deze biomassavergisters een enorme berg biomassa, dus mest en co-producten nodig. De aanvoer begint schaars te worden omdat er veel biomassa richting Duitsland wordt vervoerd. In Duitsland staan namelijk 5000 biomassavergisters die een enorme behoefte aan biomassa hebben. De prijzen voor biomassa in Nederland stijgen daardoor aanzienlijk.

Dat betekent in de praktijk dat er fraude wordt gepleegd door een groot aantal bedrijven in Nederland die biomassavergisters hebben staan. Volgens betrouwbare gegevens zou ongeveer de helft van de eigenaren van de  biomassavergisters fraude plegen.
Vaak weet een exploitant van een biomassavergister niet eens dat hij fraude pleegt omdat hij de rommel van een leverancier van co-vergistingsproducten krijgt aangeleverd die ook z’n kaken stijf op elkaar houdt.
Uit onderzoek door het ministerie is gebleken dat er in Nederland 8 grote leveranciers van co-producten zijn, waarbij bij zes van hen de boekhouding niet in orde was en verdacht werden van het verhandelen van met gif en chemicaliën verontreinigde co-producten.

Wat is het geval?

De vergisters die juist duurzame energie moeten opwekken, worden steeds vaker gebruikt als illegale ’afvalovens’.

Zowel de leveranciers van restproducten als agrariërs worden verdacht van fraude. Volgens de algemene inspectiedienst AID is met de huidige wetgeving niet te controleren welk afval boeren in hun vergister dumpen. Nederland is daarmee ’een walhalla voor groene fraude’.

In Nederland komen minder afvalstoffen voor biovergisting in aanmerking dan in het buitenland, waardoor deze installaties moeilijk rendabel zijn te maken. Dit leidt volgens een recent rapport van het Landbouw Economisch Instituut (LEI ) tot een zeer ’hoge fraudedruk’. Daarnaast is er in Nederland, in tegenstelling tot Duitsland en België, amper toezicht op de afvalstromen naar de vergister, en wordt de administratie slechts steekproefsgewijs gecontroleerd.

We lazen al dat in een vergister uit een mengsel van mest en organische restproducten biogas wordt gewonnen. Veel agrarische ondernemers werken in Nederland met co-vergisters. Voor de toegevoegde co-stoffen gelden strenge voorwaarden. Alleen de bijproducten die door de overheid op een ’positieve lijst’ zijn gezet, mogen worden gebruikt. Maar deze lijst is zeer beperkt. Om de vergisters toch gevuld te krijgen, worden de co-stoffen daarom geïmporteerd. Nederland kan echter niet controleren wat de herkomst van die stoffen is, omdat zulk onderzoek in het buitenland geen prioriteit heeft. De verdenking bestaat dat Nederlandse toeleveranciers en de ondernemers zelf ook verboden stoffen toevoegen. Op die manier komen zij voordelig van hun afval af.

Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, LNV, gaat daarom vanaf 1 januari 2011 de fraude met biomassavergisters aanpakken. In navolging van de scherpe controle in Duitsland gaan controleurs van de AIVD per 1 januari 2011 op het erf monsters nemen van de stoffen die zich in het digestaat bevinden. Tot nu toe waren er alleen papieren controles. Mocht een boer de milieunormen bewust overschrijden, dan wordt zijn installatie stilgelegd.

Niemand zit te wachten op een digestaat dat met zware metalen, arsenicum of andere gifstoffen is verontreinigd en via uitstrooien op het land weer in de voedselketen terecht komt.

Het zelfde gaat naar verwachting ook bij biomassaverbranders gebeuren. Er bestaan voor een kippenmest verbrander geen regels omtrent de aanvoer van ander materiaal dan kippenmest of andere gangbare biomassa die op de door de overheid verstrekte positieve lijst staat. Ook hier is van een goede waterdichte controle geen sprake. Dat betekent in de praktijk bijvoorbeeld dat, mocht Fibroned ooit op de Ecofactorij gebouwd gaan worden, mogelijk ander materiaal dan kippenmest verbrand gaat worden. Met wat we tot nu toe met de directie van dit bedrijf in Tanzania hebben meegemaakt is het haast voorspelbaar dat er andere stoffen illegaal gaan worden verbrand. Denk aan de giftige afvalstoffen van jatropha of een berg van meer dan 100 ton zoetwaren die nog ergens in Arendonk, op een terrein in de buurt van Bioland, staat te wachten op vernietiging omdat niemand het spul wil hebben. Ondanks een zogenaamd rapport dat er geen rommel in zou zitten. Of denk aan het illegaal verbranden van afvalhout dat met het houtverduurzamingsmiddel wolmanzouten is geïmpregneerd.

De bekendste wolmanzouten zijn CC- en CCA-zouten. CC-zouten bevatten chroom en koper, CCA-zouten bevatten daarnaast ook nog arseen. Koper en arseen worden toegepast vanwege hun schimmel- en insectendodende werking, chroom is vooral belangrijk voor de fixatie.

Een kippenmestverbrander op de Ecofactorij staat vrijwel garant voor de aanvoer van allerhande duister spul dat het daglicht niet verdraagt.

Een recente interessante studie naar de Veiligheids- en Gezondheidsrisico’s bij de productie van biogas is hier te downloaden.

Mestvergister ‘t Haantje

Sinds juli 2009 draait in ‘t Haantje, een plaats in Drenthe, de grootste mestvergister van die provincie en misschien wel van heel Nederland.

Deze vergister produceert jaarlijks zoveel stroom dat de hele gemeente Coevorden met ruim 36.000 inwoners en 15.000 woningen er een jaar lang elektriciteit van zou kunnen krijgen. De megavergisters worden gevoed met 250 hectare maïs en vele tonnen koemest. Naast stroom komt er ook veel warmte vrij en die wordt volgens eigenaar Albert Hazelaar straks aangewend voor onder meer het zwembad van Noord Sleen.

Voor een beeldverslag van deze vergister, kijk op deze link die je doorstuurt naar Youtube.

Het Duitse bedrijf Envitec Biogas heeft een aardige animatiefilm over een biomassavergister op Youtube gezet.

Ongeveer 6 mestvergisters van deze grootte zouden de hele gemeente Apeldoorn volledig van electriciteit kunnen voorzien en het geproduceerde methaangas kan opgewekt worden naar aardgaskwaliteit. De opgewekte hoeveelheid gas is voldoende voor meer dan de helft van de totale gasbehoefte in Apeldoorn.

Op 28 juli 2010 werd bekend gemaakt dat er subsidie is verleend voor de bouw van een grote mestvergister aan de Kleine Dijk in Apeldoorn. Lees hier de details.

Overzicht bio energie centrales in Nederland

Voor een overzicht van alle bio energie centrales in Nederland, kijk op http://www.b-i-o.nl/

 

BMEC moet dwangsom alsnog betalen

Woensdag 23 mei 2012

Een dwangsom van 30.000 euro, die moet Biomassa Energie Centrale Salland BV (kortweg BMEC) alsnog betalen aan de provincie Overijssel.

BMEC staat beter bekend als de biogasinstallatie aan de Weseperweg in Heeten die op 6 maart van dit jaar failliet werd verklaard.

Gedeputeerde Staten (GS) van Overijssel hebben in april 2011 een last onder dwangsom opgelegd aan BMEC Salland waarin gelast werd om de opslag van ‘niet-geurende co-substraten’ zoals mais- en graanresten af te dekken. Geconstateerd werd dat deze last onder dwangsom drie maal is overtreden. Daardoor was BMEC Salland volgens GS een dwangsom van in totaal € 30.000 verschuldigd. “Dit bedrag is met een beschikking van 6 januari 2012 ingevorderd”, zo staat in de besluitenlijst van de provinciale bestuurders.

Tegen het innen van deze dwangsom maakte BMEC bezwaar, maar Gedeputeerde Staten verklaarde deze protesten voor een deel niet-ontvankelijk en voor de rest ongegrond.

De installatie verkeerde al langer in zwaar weer door slechte financiële resultaten, dwangsommen doordat niet aan de regels werd voldaan en omwonenden die de overlast zat waren.

 

Hoe rendabel zijn biogasinstallaties?

Woensdag 23 mei 2012

Het is in Nederland zo goed als onmogelijk om zonder inzet van subsidies een biogasinstallatie rendabel te laten draaien. Dat zegt Cees Buisman, hoogleraar Agrotechnologie aan de Wageningen Universiteit. Co-producten zijn te duur  en het gas levert te weinig op. Het is verstandiger om biomassa uit de agrarische sector tot waarde te brengen door omzetting naar producten voor de chemische industrie zoals carbonzuren, meent Buisman.

Buisman reageerde op het faillissement van Biomassa Energie Centrale Salland in Heeten op 6 maart van dit jaar. Nadat de installatie voor mestvergisting- en verwerking in 2010 onder de naam Biogreen failliet ging, bleek de nieuwe eigenaar Bieleveld Bio-Energie ook niet in staat om de installatie rendabel te exploiteren.

Eigenaar Henk Nijman van Bieleveld Bio-Energie voert als reden voor het nieuwe faillissement de hoge kosten en de te lage gasproductie aan. Ook was hij niet in staat om bij akkerbouwers voldoende afzet voor het mineralenconcentraat te vinden. Daarbij speelde mee dat het veel moeite kostte om een product met een constante samenstelling te leveren.

De biogasinstallatie lag de laatste maanden voor het faillissement zwaar onder vuur. Omwonenden protesteren al enkele jaren tegen de stankoverlast wat nog extra werd aangezet door het plaatsen van protestborden. Ook zou de installatie te maken hebben met veel regels waaraan moet worden voldaan.

Nieuwe impuls co-mestvergisting

Vrijdag 20 april 2012

Staatssecretaris Bleker van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie staat meer dan 80 nieuwe producten toe die als covergistingsmateriaal in co-mestvergisters mogen worden gebruikt om deze rendabeler te maken. De gasopbrengst van de installaties kan hierdoor aanzienlijk hoger worden.

Nieuwe lijst

Enkele producten op de nieuwe lijst zijn berm- en slootmaaisel, groenteresten, diervoederresten en reststof die vrijkomt bij de productie van biodiesel uit dierlijke vetten en oliën. Met de nieuwe lijst is het potentieel aan inputgrondstoffen een stuk vergroot en zullen door marktwerking de prijzen van deze grondstoffen dalen. Analoog daaraan zal het rendement van de installaties verbeteren.

Ook wordt de positie van co-mestvergisters meer in lijn gebracht met die in het buitenland. Daarmee is een belangrijk knelpunt van het bedrijfsleven weggenomen.

Met de nieuwe lijst is het potentieel aan inputgrondstoffen een stuk vergroot en zullen door marktwerking de prijzen van deze grondstoffen dalen. Analoog daaraan zal het rendement van de installaties verbeteren.

De nieuw toegestane producten zijn door het bedrijfsleven (LTO en de Biogas Brancheorganisatie) voorgesteld. Ze mogen alleen worden gebruikt als het gehalte aan zware metalen en organische microverontreinigingen beneden bepaalde normen blijft. Het bedrijfsleven neemt daarvoor zelf de verantwoordelijkheid en werkt aan een certificeringsstelsel om de kwaliteit te borgen.

Download of bekijk hier de lijst met nieuwe co-vergistingsproducten

De redactie van Fibronot.nl wil er graag een opmerking over maken.

De toverwoorden zijn marktwerking, dalende prijzen, hoger rendement.

De overheid is er zelden in geslaagd door marktwerking prijzen te laten dalen. Deze website zou te klein zijn om alle voorbeelden te noemen.

De vraag in met name Duitsland en België naar co-producten is zo groot dat handelaren hun grondstoffen liever exporteren omdat ze in die landen een aanzienlijk hogere prijs voor hun producten krijgen. Er is vooral in Duitsland een grote schaarste aan co-producten.

Bovendien, en dat klinkt vreemd, zegt de handel dat de eigenaren van biomassavergisters subsidie krijgen en zij niets, dus laat de biomassavergisters maar meer betalen.

De verwachting is dan ook dat veel biomassavergisters met verlies blijven draaien.

Een bijkomend nadeel is dat de kans op fraude aanzienlijk toeneemt. Er wordt nu al naar schatting door de helft van de eigenaren van biomassavergisters fraude gepleegd door (giftige en schadelijke) stoffen bij te mengen die niet op de lijst staan.

We hebben er dan ook geen enkel vertrouwen in dat de regels die de branche zich zelf wil opleggen om fraude tegen te gaan, resultaat zullen hebben.

Biogasinstallatie Heeten wederom failliet

Donderdag 8 maart 2012

De biogasinstallatie aan de Weseperweg in Heeten is vanmorgen failliet verklaard. Geruchten dat het niet goed ging met de installatie, deden al langer de ronde. Maar nu is de stekker er dus definitief uitgetrokken.

De installatie heet officieel BMEC (Biomassa Energie Centrale) Salland. Voorheen heette deze installatie Biogreen, maar deze werd in 2010 failliet verklaard.

Enkele maanden later nam het bedrijf Bieleveld Bio-energie de installatie over en zorgde voor een doorstart. Maar na ruim een jaar is de installatie dus andermaal failliet verklaard.

De biogasinstallatie lag de laatste tijd ook onder vuur. Omwonenden protesteren al enkele jaren tegen de stankoverlast wat onlangs extra werd aangezet door het plaatsen van protestborden. Ook zou de installatie te maken hebben met veel regels waaraan moet worden voldaan.

De eigenaar van Bieleveld Bio-energie gaf eerder al aan het zeer lastig is om een biogasinstallatie rendabel te maken.

Stank zorgt voor overlast in Coevorden

Vrijdag 20 januari 2012

In een buitenwijk van de Drentse plaats Coevorden hebben in de nacht van donderdag op vrijdag ongeveer 40 ongeruste bewoners hun huizen verlaten vanwege een penetrante lucht die in de wijk hing. Dat heeft de politie bekendgemaakt.

De wijkbewoners roken rond middernacht een soort gas- en zwavellucht en enkele mensen werden onwel.

Volgens een woordvoerder kwam de lucht van een nabijgelegen biovergistingsinstallatie aan het Alte Picardiekanaal die met een storing kampte. Die is inmiddels verholpen. Tien bewoners klaagden over hoofdpijn en misselijkheid. Na metingen bleek er weinig aan de hand te zijn, zodat niemand van de twintig woningen naar het ziekenhuis hoefde. Wel werden enkele bewoners, die bijna anderhalf uur in de kou stonden, tijdelijk opgevangen in het nabijgelegen Racket & Bowlingcentrum.

Onder de mensen die hun huizen moeste verlaten was ook Jan Hofstee, voorzitter van de buurt- en belangenvereniging Klinkenvlier. Hij heeft zo’n acht uur na de evacuatie nog steeds hoofdpijn van de stank. ‘Wij werden vlak voor middernacht door de politie gesommeerd ons huis te verlaten. We roken al een soort zwavellucht in ons huis en buiten was die stank nog groter. De ambulance kwam de wijk ingereden, omdat er in een woning die dichterbij de installatie ligt, al iemand onwel was geworden. Dankzij een medewerker van het Racket & Bowlingcentrum, die bij ons in de wijk woont, konden wij daar terecht om een kop koffie te drinken. Daar zijn we lopend naartoe gegaan. We hebben anderhalf uur moeten wachten op een bus die ons was beloofd, maar nooit is gekomen.’

Hofstee vindt dat burgemeester Bert Bouwmeester de grote afwezige was afgelopen nacht. ‘Daar hebben wij ons als bewoners wel aan gestoord. Zeker op het gebied van informatievergaring. Het ene moment praat je met een woordvoerder van de politie, dan weer van de brandweer of de gemeente. Er was niet één aanspreekpunt.’

Bewoners zeggen dat het niet de eerste keer is dat ze een vreemde lucht uit de richting van de installatie ruiken. Hofstee: ‘Als de wind uit zuidwesten richting komt, dan ruik je de installatie regelmatig. Zeker omdat onze wijk aan de Klinkenvlierse plas ligt, die tussen installatie en woningen ligt. En water draagt de stanklucht, zodat wij het snel merken.’ Enkelen zijn al een gerechtelijke procedure gestart tegen de gemeente Coevorden, die de vergunning heeft verleend voor de installatie. ‘Er wordt te weinig toezicht gehouden en gehandhaafd’, zegt Hofstee. ‘Als buurt- en belangenvereniging procederen wij niet mee, dat zou te hoog gegrepen zijn, maar we hebben geen problemen met de actie. Wij willen als wijk een beter werkend calamiteitenplan ten aanzien van de installatie.’

Weer ernstige overlast van biovergister in Coevorden

Maandag 13 februari 2012

De biovergister in Coevorden blijft voor problemen zorgen. Vorige week woensdag, 8 februari, kregen de omwonenden hierover een brief van de gemeente Coevorden. Op zaterdag was er zo veel stankoverlast van de mestvergister dat de ondernemer op last van de gemeente en de provincie grote hoeveelheden digestaat (een restant van de biogasproductie) heeft moeten afvoeren.

In de brief aan de omwonenden stond dat de ondernemer een verbod opgelegd heeft gekregen van de gemeente en de provincie om grondstoffen aan te voeren.

Pas na uitdrukkelijke toestemming van de provincie mag de ondernemer de toevoer van grondstoffen weer opstarten.

In feite betekent dit dat het bedrijf stil staat.

Vorige maand is na een ernstige storing bij de biovergister een deel van de woonwijk door hulpverleningsdiensten uit voorzorg ontruimd. Een aantal bewoners had hoofdpijnklachten en last van misselijkheid. Er was hevige stankoverlast. Sindsdien staat het bedrijf onder streng toezicht van de gemeente en de provincie.

Biovergister in Coevorden

Biomassavergister in Coevorden

Sluiting dreigt

Als de problemen rond de biovergister in Coevorden niet worden opgelost, dan moet het bedrijf dicht. Dat zegt gedeputeerde Henk Brink.

De gedeputeerde geeft daarmee gehoor aan een oproep van de raadsfractie van Progressief Akkoord Coevorden.

Fractievoorzitter Berhard Ensink is de maat vol. Hij vindt dat de overheden krachtiger moeten optreden. De brief, die gemeente en provincie op 7 februari 2012 aan omwonenden stuurden, gaat volgens hem niet ver genoeg. In die brief staat dat via een nieuwe vergunning de regels aangescherpt worden. Want uit controles is gebleken dat de vergister overstroomde.


De nieuwste ontwikkeling: Microferm

Hierboven werd de co-vergisting besproken.

De nieuwste ontwikkeling is het vergisten van pure stalmest waardoor er geen co-producten als mais, gras of soortgelijke grondstoffen meer worden toegevoegd. Gezien de schaarste en daarmee verband houdende prijsstijgingen voor co-producten betekent deze ontwikkeling een flinke besparing voor de boer.

Een ontwerp van Nederlandse bodem brengt een fraaie oplossing op de markt. Het bedrijf HoST B.V. uit Enschede brengt deze pure mest vergister op de markt.

Pure mest als bron voor biobrandstof

Biogas staat bekend als duurzame brandstof. Het wordt gemaakt uit koeien- of varkensmest. Daar moet echter nog wel wat bij voor een goede opbrengst. Naast reststromen uit de voedingsmiddelenindustrie zijn dat soms ook energiegewassen. Dat is minder duurzaam volgens sommigen. Een pure mestvergister biedt uitkomst.

Philip Kleizen uit het Twentse Langeveen mag zich de eerste Microferm boer van Nederland noemen. Hij heeft de eerste draaiende minivergister van fabrikant Host op zijn erf staan, waarin de mest van zijn 360 kalveren tot biogas wordt omgezet.

In een Warmte Kracht Koppeling (WKK) wordt het biogas omgezet in stroom en warmte.

Het door vergisting geproduceerde biogas wordt in de WKK omgezet naar duurzame elektriciteit en warmte. De opgewekte elektriciteit wordt in eerste instantie gebruikt op het bedrijf zelf. De warmte die ontstaat bij het opwekken van elektriciteit, komt vrij uit de WKK met een temperatuur van ongeveer 90°C. Deze warmte wordt deels weer gebruikt voor het vergistingsproces zelf. Met het surplus worden de bedrijfsgebouwen en de bedrijfswoning verwarmd en wordt warm tapwater geleverd of koude gemaakt met een absorptiekoelmachine, bijvoorbeeld voor het koelen van de melk.

Hierdoor wordt het agrarische bedrijf zelfvoorzienend en ongevoelig voor toekomstige prijsstijgingen in energie.

De niet benodigde elektriciteit wordt als groene stroom aan het elektriciteitsnet geleverd. Het praktische vermogen ligt tussen de 30 kW en 60 kW. Daarmee kan de installatie probleemloos op de bestaande netaansluiting worden aangesloten. Een kostbare transformator is daardoor overbodig.

Hoe zit het met de opbrengst?

Deze Microferm pure mest vergister produceert 40 m³ biogas bij een input van 1 m³ pure stalmest. Een veehouderij met een productie van 4000 m³ mest per jaar is al voldoende om met de Microferm een optimaal rendement te behalen. Maximaal rendement wordt behaald met

een optimale stal die is uitgevoerd met een systeem dat direct de mest in de stal afvoert naar de centrale put.

Vanuit deze centrale put wordt de mest de Microferm ingepompt. Door de directe vergisting van de mest wordt de gasproductie aanzienlijk verhoogd. Dit in tegenstelling tot een traditionele stal waarbij een deel van de mest al tijdens de opslag in de mestkelder wordt omgezet naar gas, waarmee waardevolle energie verloren gaat.

Het methaangas dat met de vergisting wordt opgewekt wordt volledig gebruikt voor het laten draaien van de WKK. Het methaangas wordt niet opgewerkt naar aardgaskwaliteit zodat het in principe niet geschikt is voor gebruik in de keuken omdat het gas nogal naar mest stinkt.

De 360 kalveren van Philip Kleizen staan in een nieuwe stal, waar onder de roostervloer de mest meteen naar een centraal punt wordt geveegd en vandaar naar de vergister gaat. Zo is de gasopbrengst optimaal en de broeikasgasuitstoot minimaal: de vergister haalt het kwalijke methaangas eruit.

Door de betrekkelijk lage aanschafprijs van 300.000 euro is de belangstelling groot. Zo´n vijftien andere boeren zijn bezig bouwvergunningen aan te vragen om ook zo´n vergister te kunnen bouwen. Om de Microferm rendabel te kunnen aanschaffen is echter wel subsidie vereist. Daar voert Host nu een lobby voor in Den Haag, de oude subsidieregeling voor biogas was namelijk vrij krap.

De Provincie Overijsel heeft voor deze mestvergister een subsidie van € 210.000 beschikbaar gesteld.

Hoe zit het nu met de opbrengst?

Het systeem is met een vergoeding van 17 cent per geleverde kWh net kostendekkend. Dat bedrag was in het kader van Stimulering Duurzame Energie bij de aanleg toegezegd. Deze vergoeding is inmiddels teruggeschroefd naar 9 cent per kWh.

De huidige standaardvergoeding voor levering aan het net is 5 cent, maar Kleizen heeft met Essent een vergoeding van 8 cent kunnen afspreken. Daarmee is het systeem voor hem vooralsnog kostendekkend, maar niet meer dan dat.

Microferm pure mestvergister

De Microferm pure mestvergister van Host B.V. in Twente

Microferm in Langeveen

De pure mest vergister in Langeveen

Het is duidelijk dat Apeldoorn aandacht moet besteden aan, en alle energie moet stoppen in de ontwikkeling van mestvergisters en het gebruik van schone biomassastromen.

Deze manier van energieopwekking verdient veruit de voorkeur boven een milieuvervuilende kippenmestverbrandingsinstallatie zoals FibroNed in Apeldoorn wil bouwen.


Aankondiging evaluatie mestvergisters in Nederland

14 februari 2011

De Rijksoverheid ziet een belangrijke rol voor vergistinginstallaties in het bereiken van haar doel, om in 2020 14% van het energieverbruik uit duurzame energie te laten bestaan.

De vergistingsector heeft zich in Nederland de afgelopen jaren sterk ontwikkeld en er is al veel kennis en ervaring opgebouwd. Toch kan er nog het nodige verbeterd worden, om meer winst te halen uit deze vorm van duurzame energieproductie. Om aan deze verbetering bij te dragen start Agentschap NL, namens het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, het project ‘Evaluatie van de vergisters in Nederland’.

Het doel van de evaluatie is om een objectief en gedetailleerd beeld te krijgen van de vergisters in Nederland en inzicht te krijgen in de mogelijkheden om de exploitatie te verbeteren en daarvoor aanbevelingen te doen. Een benchmark die de sector een stimulans geeft voor rendementsverbetering: “Leren van de besten”. De agrarische sector heeft, via LTO Nederland, meegedacht over de opzet van het project en is betrokken bij de begeleiding. Het project draagt bij aan bij de gezamenlijke ambities van de sector en de overheid uit het convenant Schone en Zuinige Agrosectoren.

Het project in uitvoering

Organic Waste Systems N.V. (OWS) voert het project uit, in opdracht van Agentschap NL. Het project start in januari en bestaat uit twee fases. In de eerste fase van zes maanden, verzamelt OWS technische en financiële informatie van zoveel mogelijk operationele vergistinginstallaties. In de tweede fase worden twintig representatieve installaties een jaar lang gemonitord, hierbij ligt de nadruk op de biologische werking.

Om een zo goed mogelijk beeld te krijgen worden zo veel mogelijk vergisters bekeken. Exploitanten worden door Agentschap NL uitgenodigd om mee te doen.


Mestvergistinginstallaties ingezet om afval om te katten

Dinsdag 21 juni 2011

Staatssecretaris Joop Atsma (CDA, Infrastructuur en Milieu) gaat extra toezicht houden op de stoffen die in mestvergistinginstallaties worden verwerkt. Uit onderzoek van het ministerie is namelijk gebleken dat er het nodige schort aan deze controle.

De aanleiding voor Atma’s plan is dat bij inspectie door VROM-medewerkers is gebleken dat op grote schaal wordt gefraudeerd bij het vullen van de biogas-installaties.

“Regelmatig werden producten omgekat of weggemengd in andere partijen, administraties bleken vaak niet volledig of inzichtelijk”, aldus de staatssecretaris.

Het blijkt dat in de zogeheten co-vergisters vaak ook schadelijk afval van niet organische oorsprong wordt verbrand. Volgens de wet moet minstens de helft van de inhoud bestaan uit mest aangevuld met stoffen van plantaardige of dierlijke herkomst. Voor de toegevoegde co-stoffen gelden strenge voorwaarden. Alleen de bijproducten die door de overheid op een ‘positieve lijst’ zijn gezet mogen worden gebruikt. Deze lijst is zeer beperkt. Om de vergisters gevuld te krijgen worden vaak ook geïmporteerde co-stoffen gebruikt. Deze kunnen echter niet worden gecontroleerd.

De indruk bestaat dat eigenaren en toeleveranciers steeds vaker verboden stoffen verbranden. De bio-installaties worden zo illegale ‘afvalovens’. Vermenging kan gevaar opleveren voor de eigenaar, de volksgezondheid en het milieu.

Staatssecretaris Bleker(ook CDA) wil veehouders juist toestaan om naast mest, acht nieuwe producten in de mestvergister te verwerken. Hij denkt daarbij aan onder andere aardappelpersvezel, bieten- en uienpulp, bierborstel (restproduct van bierbrouwerijen) en brood- en deegresten. Op zichzelf is dat weer vreemd, want deze reststoffen worden tot dusver gebruikt als veevoer.

Bleker wil zelfs nog een stapje verder gaan en boeren de ruimte geven om zelf producten te testen of deze geschikt zijn voor vergisting. De kans is niet ondenkbaar dat mestvergistingsinstallaties daardoor ingezet gaan worden om op een goedkope manier af te komen van allerlei restafval. Extra toezicht is om die reden wenselijk en noodzakelijk.


Dure covergistingsproducten doen biogas-installatie de das om

Vrijdag 22 juli 2011

Halambco BV, exploitant van een vergistinginstallatie in Oosterbierum, is op 14 juli failliet verklaard door de rechtbank in Leeuwarden. De biogasinstallatie van Halambco verwerkte het afval van de aardappelfabriek van Lamb Weston Meijer in Oosterbierum tot biogas. Halambco was een joint venture van glastuinbouwbedrijf Hartman uit Sexbierum en de duurzame projectontwikkelaar Econvert uit Drachten.

Het faillissement is door Halambco zelf aangevraagd, hoofdzakelijk omdat de kosten te hoog werden door dure covergistingsproducten en lage gas- en stroomprijzen. “Behalve aardappelresten gingen er ook andere reststromen in de vergister, en die waren niet meer te betalen”, licht directeur Fred Bruijn van Econvert toe. “Sinds het businessmodel is opgesteld [in 2008, red.], zijn de kosten meer dan verdubbeld.” Als voorbeeld noemt hij glycerine, een bijproduct van biodiesel, wat volgens Bruijn nu rond de EUR 200 per ton kost. Bruijn noemt het een groot probleem dat maar weinig producten zijn toegestaan voor covergisting. Die producten worden daardoor extra schaars en dus duur -een veelgehoorde klacht binnen de biogassector.

Recent breidde staatssecretaris Henk Bleker (Economische Zaken, Landbouw en Innovatie) de lijst met toegestane covergistingsproducten wel uit, en daarnaast wil hij een nieuwe systematiek ontwikkelen waarmee het bedrijfsleven zelf grotendeels kan bepalen of stoffen wel of niet in de vergister mogen. Hiermee hoopt Bleker de productie van biogas aantrekkelijker en betaalbaarder te maken, maar die uitbreidingen en aanpassingen komen voor Halambco te laat, zegt Bruijn. Wel werken Econvert en Hartman aan een doorstart, waar hij over een maand meer over denkt te kunnen zeggen.

De biogasinstallatie, in 2008 in gebruik genomen, vergde destijds een investering van EUR 3,4 mln door Halambco -Hartman en Econvert. Het project kon deels gefinancierd worden met een Mep-subsidie. Lamb Weston Meijer investeerde niet mee, maar dacht in Halambco een betrouwbare afnemer te hebben van de afgekeurde aardappels, afgekeurde patat, puree en aardappelschillen. Anders werden de aardappelresten als veevoer voor koeien en varkens gebruikt. Het ‘patatgas’ uit de vergister ging met een aparte leiding van de aardappelfabriek naar het kassencomplex van 7,5 hectare van Hartman, dat op een kilometer afstand van de patatfabriek in Oosterbierum ligt. Bij dit biologische tuinbouwbedrijf staat een WKK-installatie van 1,1 MW die naast warmte voor de kassen groene stroom leverde aan het elektriciteitsnet.

De verwachting was in 2008 dat Lamb Weston Meijer per jaar 30.000 ton afval zou leveren, waarmee Halambco jaarlijks 550.000 kuub biogas en 7 GWh aan groene stroom zou kunnen produceren. De verkoop van de groene stroom en de besparing op aardgas had het project rendabel moeten maken. De werkelijke afname van aardappelresten lag volgens Bruijn tussen de 20.000 en 25.000 ton. “Dat was niet omdat Lamb Weston Meijer niet meer kon leveren, maar omdat wij door de dure covergistingsproducten niet meer konden afnemen”, zegt Bruijn.


Biogasbranche komt niet van de grond

Vrijdag 29 juli 2011

De ontwikkeling van een economisch gezonde Nederlandse biogassector komt niet van de grond. Sterker nog, van de 100 boeren met een vergister draait de helft al twee jaar met verlies terwijl dat vorig jaar al driekwart was, zo blijkt uit cijfers die de Rabobank recent bekend maakte.

Veel vergisters staan stil, de boeren zijn failliet en binnen een half jaar zullen er nog verschillende failliet gaan, zo voorspelt de Biogas Brancheorganisatie. Desgevraagd geeft ook de Rabobank toe dat er faillissementen onder de vergisters zijn.

Probleem zijn niet de lage subsidies die de boeren toucheren voor de vergisting, maar de sterk gestegen grondstofprijzen voor co-vergistingsproducten. Immers, de helft van de kosten van een vergister bestaan uit inkoop. En laten dat nou net de variabele kosten zijn. Zo was glycerine, een bijproduct van de biodieselproductie, enkele jaren geleden nog vrijwel gratis, nu kost het 200 euro of meer per ton. Ook hebben de boeren te maken met milieuorganisaties die pleiten voor verplichte pure mestvergisting, zonder substraattoevoeging.

Staatssecretaris Bleker van Landbouw is echter wel voor co-vergisting. Hij versoepelde onlangs de toelating van nieuwe co-producten en breidde de positieve lijst uit. Dat geeft mogelijk wat lucht op de substraatmarkt.


Biomassavergister Heeten wordt geveild

Vrijdag 10 augustus 2012

De biomassavergister in Heeten

De Biomassa Energie Centrale Salland in Heeten, achteraanzicht (Eigen opname zaterdag 26 mei 2012)

De biomassavergistingsinstallatie in Heeten (BMEC Salland) wordt mogelijk op 19 september in een openbare verkoop geveild. Dat blijkt uit het faillissementsverslag van curator Steven van den Berg van Schoemaker advocaten in Deventer. Pogingen om de centrale onderhands over te laten nemen zijn tot nog toe niet gelukt. BMEC Salland ging begin maart failliet.

Volgens curator Van den Berg heeft zich ter elfder ure toch nog een mogelijke overnamekandidaat gemeld. Hij hoopt over een week of drie meer duidelijkheid te kunnen geven of er wel of niet een veiling komt.

Grote schuldeiser bij BMEC Salland is de Rabobank met een vordering van € 7,6 miljoen. BMEC werd in 2010 na faillissement van Biogreen Salland overgenomen door Bieleveld Bio-Energie in Amersfoort voor een bedrag van ruim € 3 miljoen.

Ook Bieleveld Bio-Energie in Amersfoort is failliet gegaan. Dat faillissement werd op 8 mei uitgesproken. Behalve de biogasinstallatie in Heeten exploiteerde Bieleveld ook installaties in Anerveen, Veendam, Scheemda, Stadskanaal en IJsselsteijn. Ook in dit faillissement is Van den Berg de curator.

De vergistingsinstallaties in Anerveen en Scheemda waren eigendom van de V.O.F. Bio-Energie Benelux in Amersfoort. Bieleveld Bio-Energie was één van de vennoten in deze firma. Op 5 juni is ook het faillissement van Bio-Energie Benelux uitgesproken. Ook de andere vennoten in deze firma: Obbens Capital in Naarden, VGB in Amsterdam en Arlésienne in Vinkeveen zijn op die zelfde datum failliet verklaard.

Curator René Smink van Smink advocaten in Amersfoort meldt in zijn eerste verslag over het faillissement van Benelux Bio-Energie dat er geen sprake is van doorstart of voortzetting. De installaties in Scheemda en Anerveen worden op bescheiden schaal draaiend gehouden in afwachting van verkoop of overdracht.

Lees hier het faillissementsverslag

Lees hier de financiële bijlage bij het faillissementsverslag